invoorzorg.nl gebruikt cookies om het gebruik van de website te analyseren en het gebruiksgemak te verbeteren. Lees meer over cookies.

Ondersteuning bij veranderingen in de langdurige zorg.

Menzis maakt afspraken over positionering wijkverpleegkundige (op niet-toewijsbare zorg)

Gepubliceerd op: | Laatst gewijzigd op:

Onder de nieuwe aanspraak wijkverpleging in de Zvw vallen naast de toewijsbare zorgtaken ook coördinerende en signalerende activiteiten die niet aan één specifieke cliënt te koppelen zijn. Het gaat om de beschikbaarheidsfunctie van de wijkverpleegkundige in de wijk. Dit is de zogenaamde ‘niet-toewijsbare zorg’.

Hierbij kan de wijkverpleegkundige iemand bezoeken aan wie (nog) geen zorg is toegewezen, bijvoorbeeld zorgmijders en mensen die de weg naar de wijkverpleegkundige niet weten te vinden. Naar aanleiding van een signaal van de gemeente gaat de wijkverpleegkundige langs, kijkt wat er aan de hand is en verwijst indien nodig door naar medische/verpleegkundige zorg (Zvw) of naar welzijn/ ondersteuning (Wmo).

Ook wordt hiermee geregeld dat de wijkverpleegkundige een relatie heeft met de lokale  (sociale wijk)teams, om samenhang tussen zorg, hulp en ondersteuning te borgen. De aanspraak wijkverpleging stelt dat zorgverzekeraars en gemeenten afspraken moeten maken over de inzet van de wijkverpleegkundige en de afstemming tussen zorg en maatschappelijke ondersteuning in de wijk. Daarbij wordt opgemerkt dat de verpleegkundige functie in het lokale (sociale wijk)team, of een vergelijkbaar verband, vertegenwoordigd moet zijn.

Overeenstemming Menzis, gemeenten en regio’s

Menzis, de gemeenten Arnhem, Enschede, Groningen en Den Haag en de regio’s Achterhoek, Arnhem, Groningen en Twente werken samen op verschillende thema’s, waaronder de positionering wijkverpleegkundige (op niet-toewijsbare zorg), om tot overeenstemming te komen.

Voor de capaciteit aan wijkverpleging niet-toewijsbare zorg is voor 2015 landelijk 40 miljoen euro beschikbaar. Menzis krijgt voor een beperkt deel de verantwoordelijkheid voor dit bedrag (uitsluitend voor de regio’s waarvoor Menzis de representant is namens de zorgverzekeraars). Twee opgaven zijn hierbij van belang:

  • Hoe gaat Menzis de beschikbare capaciteit aan wijkverpleging voor niet-toewijsbare zorg over de regio’s/ gemeenten inzetten?
  • Op welke manier kan de wijkverpleegkundige gepositioneerd worden ten opzichte van de gemeentelijke wijkteams en van welke factoren is deze positionering afhankelijk?

Uitgangspunten

Een aantal uitgangspunten hebben een belangrijke rol gespeeld in de overeenstemming tussen Menzis en de gemeenten / regio’s:

  • effectieve besteding van middelen – de beschikbare middelen worden daar ingezet waar het nodig is;
  • objectiviteit: de toedeling van de beschikbare capaciteit hangt af van de omstandigheden in de lokale situatie, die niet direct te beïnvloeden zijn door gemeenten, maar wel invloed hebben op de behoefte aan niettoewijsbare zorg;
  • het is voor alle gemeenten in de regio’s waarin Menzis representant is, helder hoe de toedeling van het aantal fte’s wijkverpleegkundigen aan de regio’s/gemeenten heeft plaatsgevonden;
  • ruimte voor maatwerk: afhankelijk van de lokale situatie in de regiogemeenten wordt de positie van de wijkverpleegkundige bepaald;
  • ondersteunend aan de regiogemeenten: er is een eenvoudig afwegingskader waarmee gemeenten zelf kunnen bepalen – in relatie tot hun inrichting van het lokale (sociale) team – wat de meest effectieve inzet is van de niet-toewijsbare wijkverpleegkundige zorg en waarom.

Resultaten

De samenwerking heeft tot nog toe de volgende resultaten opgeleverd:

Meer weten

Dossier(s)

Tags

In voor zorg! is een programma van het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, en Vilans, Kenniscentrum voor langdurige zorg