Meer rust door multidisciplinaire aanpak probleemgedrag
Verpleeghuis Ter Reede, onderdeel van Stichting Werkt voor Ouderen, deed mee aan de tweede ronde van het Zorg voor Beter traject probleemgedrag. Voor het traject is een stappenplan ontwikkeld op basis van de Richtlijn Probleemgedrag van Verenso. Dit stappenplan is voor cliënten in alle sectoren bruikbaar. Het dient voor het team als hulpmiddel om het probleemgedrag van de cliënt te analyseren, te begrijpen en om te interveniëren.
Stilstaan bij gedrag
Peter Boeije, manager bij Verpleeghuis Ter Reede: ‘Probleemgedrag is nu veel meer een onderwerp van gesprek geworden. Er lag geen taboe op, maar nu staat het onderwerp echt op de agenda. Het past heel goed binnen de belevingsgerichte zorg en kleinschalige insteek die we binnen onze organisatie hanteren. Gedrag hoort daar zeker bij en dat onderschatten we nog wel eens.’
Analyseren van gedrag
Peter Boeije vervolgt: ‘Het stappenplan dwingt je tot het nemen van objectieve stappen. Vaak is de eerste reactie op probleemgedrag een emotionele reactie. Als je een klap krijgt van een cliënt, is het lastig om hier niet emotioneel op te reageren. Methodisch werken met het stappenplan zorgt ervoor dat je leert reageren vanuit objectiviteit en niet vanuit emoties. Dit maakt ook dat je anders gaat reageren en gaat nadenken: Waarom krijg ik die klap eigenlijk? Wat zit hier achter?’
Twee personen weten meer dan één
De richtlijn en bijbehorende producten propageren vooral een multidisciplinaire aanpak. Om probleemgedrag goed in kaart te brengen zijn de dagelijkse begeleiders van groot belang. Maar ook specialisten ouderengeneeskunde en psychologen hebben een cruciale rol bij de analyse en aanpak van onbegrepen gedrag. Samen wordt nagedacht over de vraag: ‘Wat is de oorzaak van het veranderde gedrag?’
‘De meerwaarde van de multidisciplinaire aanpak zit in het probleem bekijken vanuit verschillende invalshoeken (360 graden). Samen ontwikkel je een hypothese, stel je een gezamenlijke aanpak op en wissel je kennis en informatie uit met andere beroepsgroepen. Iedereen bekijkt het probleemgedrag vanuit zijn eigen discipline. Al deze informatie is waardevol voor een volledige en passende aanpak. Je krijgt op deze manier een veel completer beeld van de cliënt en zijn vertoonde gedrag. Je weet waarom iemand iets doet, je kan daar objectief op reageren en een passende oplossing zoeken. Met vaak als gevolg dat het probleemgedrag bij de cliënt afneemt of zelfs helemaal verdwijnt. Dit geeft rust voor zowel de cliënt als de medewerker.’
pdf