Arbeidsproductiviteit en infraroodsensoren bij cliënten thuis

De organisatie Thuiszorg Noord-Limburg wil met behulp van infraroodsensoren het activiteitenpatroon van thuiswonende ouderen volgen. Op deze manier komen veranderingen bij ouderen snel aan het licht en is adequate actie mogelijk. Verandering in het leefpatroon kan aanleiding zijn voor een huisbezoek, zodat waar nodig het behandel- of zorgplan kan worden aangepast.

De sensoren in de woning geven elke twee uur een signaal af naar een computer, waar een thuiszorgmedewerker de resultaten beoordeelt. Na enkele weken is zo een duidelijk beeld van het activiteitenpatroon te zien. Acute veranderingen in dat patroon komen per sms bij de thuiszorgmedewerker terecht

Thuiszorginstellingen kunnen met deze techniek op een cliëntvriendelijke en personeelsbesparende manier het activiteitenpatroon van ouderen volgen. Vooral voor cliënten zonder of met een klein sociaal netwerk is dit een prima optie. De cliënt heeft geen last van het monitoren en de medewerkers kunnen gerichter contact onderhouden en op huisbezoek gaan. Bovendien kunnen zij de begeleiding zo beter afstemmen op het dagelijkse leven van de cliënt.

Methodiek

De sensoren zijn in de periode van juni 2004 tot oktober 2008 bij 25 cliënten in huis geplaatst, gedurende 6 maanden. Gekeken is of de techniek door cliënt en medewerker als prettig wordt ervaren en of de intensiteit van zorg erdoor afneemt. Van tevoren is afgesproken hoe medewerkers reageren op bepaalde meldingen.

Resultaten

De doelstelling van dit project is de zelfstandigheid van thuiszorgcliënten te vergroten en de werklast te verlichten met behulp van infraroodsensoren. Uit de evaluaties en gesprekken is gebleken dat de technologie als onderdeel van een zorgarrangement daadwerkelijk zinvol is en voldoende werkt. De methode blijkt geschikt voor de langdurige begeleiding van thuiswonende cliënten. In de arbeidsproductiviteit is een forse verbetering opgetreden. Dankzij dit systeem is bij 65 spoedgevallen snel en adequaat opgetreden.

Er zijn wat moeilijkheden geweest met het realiseren van goedkope verbindingen. Bij cliënten met (beginnende) dementie, psychiatrische aandoeningen of een verstandelijke beperking is de techniek van groot belang gebleken. Het systeem heeft weinig meerwaarde in stabiele situaties.

Meer weten

Meer informatie op de Kennisbank van Zorg voor Beter (externe link)

Bron: Kennisbank van Zorg voor Beter (externe link)