Bij Libertas Leiden valt weer wat te kiezen

Portretfoto van Ingrid Kraayenoord

In voor zorg-deelnemer Libertas Leiden is  een jonge organisatie, ontstaan uit fusies. De organisatie levert met 800 medewerkers en 700 vrijwilligers uiteenlopende diensten op het gebied van zorg, wonen en welzijn aan bijna 2.000 intra- en extramurale cliënten.

Maar die veelzijdigheid en omvang van de organisatie zeggen nog niets over de bedrijfsmatige kant van de zaak. Die kan beter. In voor zorg-coach Martin Westenberg onderzoekt daarom hoe de potenties van de fusies kunnen worden omgezet in meer slagvaardigheid en efficiency.

Onlangs werden de raad van bestuur en van het managementteam gehalveerd, terwijl tegelijkertijd de bestuurlijke bevoegdheden uit de knoop werden gehaald. Stroomlijning van taken en bevoegdheden gaat samen met effectiever werken.

Nieuwe ervaring

In voor zorg! en Libertas Leiden stelden bovendien een programma samen om de werkvloer meer te betrekken bij de nieuwe mogelijkheden die ZZP’s bieden.

In alle locaties van Libertas Leiden wordt het oude zorgdossier voor 1 juli 2011 vervangen door een zorgleefplan. Eén van deze locaties is woonzorgcentrum Rijn en Vliet. Binnen dit woonzorgcentrum is de weg naar meer slagvaardigheid en meer betrokkenheid inmiddels ingezet. Lang is hier van bovenaf leiding gegeven. Om dit te veranderen, zijn nu afdelingsverantwoordelijken en contactpersonen ingezet. Zij coördineren de contacten rondom de zorg van de bewoners. Er is meer ruimte voor eigen initiatief, vooral in de directe zorg.

Het zorgleefplan leeft nu al volop. Medewerkers geven aan dat er beter gesignaleerd wordt en uitgebreider gerapporteerd. Verzorgende Marlene van Duijn: ‘We mogen veel meer zelf beslissen hoe we ons werk indelen en wat we doen. Hierdoor gaat een zorgleefplan bij de verzorging leven. Je overlegt met de cliënt en noteert in het zorgleefplan wat je doet. Een nieuwe ervaring.’

Registratie van zorgminuten

Medewerkers doen meer. In het kader van de ZZP-financiering gaan ze – samen met de teamleider – ook in gesprek over de zorg die vanouds wordt geleverd en over het nieuwe pakket dat past bij de ZZP-financiering.

Verzorgende Marlene van Duijn: ‘We hebben de minuten geregistreerd van de geleverde zorg bij de bewoners. Dat was eigenlijk wel schrikken. Het bleek dat wij in veel gevallen veel meer zorg leveren dan waar bewoners recht op hebben volgens hun indicatie. Dit wordt opgelost door het aanvragen van een hogere indicatie, maar ook door hier met bewoners over te praten en te bespreken. In enkele gevallen bleken bewoners ook minder zorg te krijgen dan waar zij recht op hadden.’

Maar vonden de cliënten eigenlijk ook dat het best wel minder kon? Marlene: ‘Eigenlijk wel, want ze zagen dat ze nu keuzes konden maken, waar ze eerst nooit zo bij stil hadden gestaan. We hadden hier iemand die twee keer in de week ’s ochtends wilde douchen en die dan ‘s avonds werd ingesmeerd met beschermende zalf. In de nieuwe afspraken kan ze niet twee, maar drie keer douchen, omdat ze bij het douchen meteen een lekkere douchecrème gebruikt. ’s Avonds zalven hoeft dan niet meer. Deze bewoner is heel tevreden over deze oplossing.’

Samen keuzes maken

Samen keuzes maken, daar komt het op neer. Dat werkt positief uit.

Gebiedsmanager Ingrid Kraayenoord: ‘Metingen geven aan dat bij zowel cliënten als medewerkers de tevredenheid inmiddels is gegroeid. Dat is ook niet zo vreemd. Veel cliënten kregen tot voort kort automatisch allerlei zorg en ondersteuning aangeboden omdat dit nu eenmaal zo de gewoonte was. Nu merken zowel medewerkers als cliënten dat de zorg geen eenheidsworst is, maar dat er gekozen kan worden. Bij dat keuzeproces heeft de medewerker een adviserende rol.’

De nieuwe vrijheid wordt overigens niet altijd positief ervaren. Verzorgende Marlene van Duijn: ‘Waar we aan moesten wennen, was het multidisciplinaire overleg. In het begin leek het wel een persoonlijk aanval als er kritiek kwam. Maar het ging natuurlijk over goede zorg. Alleen, dat moet je wel even doorhebben natuurlijk. Ook is het soms lastig om te overleggen met de familie over aanpassingen in de zorg.’

Ingrid Kraayenoord haakt in: ‘De communicatie in de zorgverlening moet beter. Niet alleen hier. In de zorgopleidingen moet daar veel meer aan gedaan worden, Wij gaan dat in ieder geval een stevige plek geven in ons eigen scholingsplan dat we met steun van In voor zorg! aan het maken zijn.’