RSZK en In voor zorg! maken van interne keten een weldadig bad

Het gebouw van RSZK Kempenland

De Regionale Stichting Zorgcentra de Kempen (RSZK) in Noord-Brabant (9 locaties) had z’n zaakjes al goed voor elkaar. Bestuurder Leo van Erp vertelde in de zomer van 2010 op de website van In voor zorg! over de zorgtrajectbegeleiders die in de thuissituatie de cliënt en andere ondersteunende organisaties aan elkaar wisten te koppelen.

Prima geregeld met deze 'externe' dementieketen, de koppeling tussen cliënt en ondersteunende organisaties. RSZK ontdekte vervolgens dat de 'interne' dementieketen, de interne samenhang tussen afdelingen,  minder goed in elkaar stak. Sterker nog, vanuit de beleving van de cliënt en familie is er nauwelijks een interne keten. Dianne Engels, lid raad van bestuur: 'Cliënten worden intern overgeplaatst en moeten  vaak bij het switchen van de ene naar de andere afdeling hun hele verhaal opnieuw vertellen.'

Dat moet anders, vinden ze bij RSZK. Met hulp van In voor zorg! is september 2011 een programmaraad opgetuigd die de interne samenhang meer laat sporen met wat de cliënt en zijn familie prettig vinden.

Analyse hoe het beter kan

Dianne Engels: 'Ik  was een keer op bezoek op een van onze locaties in Veldhoven. Daar vroeg iemand van de afdeling dagactiviteiten aan een collega van de afdeling psychogeriatrie: "Hoe is het toch met cliënt meneer Jansen?" Waarop zijn collega verbaasd reageerde: "Ken je deze cliënt dan? Zat hij eerst bij jullie?" Het feit dat deze cliënt binnen hetzelfde zorgcentrum in een ander circuit in begeleiding was geweest, was dus niet bij iedereen op deze locatie bekend.'

Het bleek dat dit soort lacunes vaker voorkwamen, en er ging een knop om. Dianne Engels: 'Toen hebben we In voor zorg! gevraagd een analyse te maken en in kaart te brengen hoe de interne keten bij ons werkt en hoe het beter kan.'

Minder overdrachtsmomenten

Zomer 2011 is besloten dat een Programmaraad ervoor gaat zorgen dat integraal werken ook leidt tot integrale kennis van de cliënt. Medewerkers en behandelaren willen leren om over de grenzen van hun eigen afdeling en discipline te kijken. De cliëntenraad wordt actief betrokken bij - zoals  Dianne Engels het omschrijft -  ‘de zoektocht die ons leert hoe wij de cliënt met minder contactbreuken door onze organisatie kunnen leiden.' 'Er moeten minder overdrachten komen en het moet allemaal over minder schijven gaan', voegt collega-lid raad van bestuur Wilbert de Haan daar aan toe.

Resultaten zijn er nog niet, want op het moment van dit interview was de Programmaraad nog maar net uit de startblokken. Waar het naartoe gaat, is evenwel glashelder. Dianne Engels: 'De interne keten illustreert straks dat de cliënt en zijn omgeving centraal staat en niet de organisatie waar hij verblijft.'

De cultuuromslag

In theorie lijkt de aanpassing van de interne keten een gemakkelijke opdracht, in de praktijk is het een taai proces. Met name omdat een andere manier van samenwerken en een andere visie op de cliënt en de betrokkenheid van de familie primair een cultuuromslag is.

Dianne Engels: 'Hoe kunnen we met de scheiding tussen indicaties voor thuiszorg, begeleiding, verzorgingshuis en verpleeghuis omgaan, waar de cliënt meestal in de progressie van zijn ziektebeeld met alle onderdelen achtereenvolgend te maken krijgt? Hoe kunnen we er voor zorgen dat de cliënt en de familie vervolgens niet elke keer dezelfde fasen van intake, kennismaking en opname door moet maken?' Wilbert de Haan: 'Dit wordt een intensief proces dat we niet mogen onderschatten. Veranderen betekent dat je afscheid neemt van de bekende werksituaties.'

Ontschotten in de uitvoering

Hoe heeft het zover kunnen komen dat RSZK meer belang is gaan hechten aan de organisatie dan aan de cliënt waaraan RSZK haar bestaan ontleent?

Wilbert de Haan stelt dat de Zorgzwaartepaketten (zzp)-financiering het denken in segmenten verder heeft versterkt : 'Door de zorgzwaartebekostiging is er meer verzakelijking gekomen. Het leidde tot een meer bedrijfsmatige businessstructuur die bovendien verzuiling met zich meebrengt.' Zijn collega Dianne Engels nuanceert: 'Het zat eigenlijk ook al een beetje in de eerdere financiering ingebakken. De scheiding in verpleeghuiszorg, verzorgingshuiszorg en dagactiviteiten was evenmin bevorderlijk voor een integrale aanpak.'

Wat het verleden dan ook precies met zich mee mag hebben gebracht , RSZK is inmiddels aan de slag gegaan om binnen de zzp-kaders interne verbindingen te herstellen en krachtiger te maken. René Nillesen, voorzitter van de Programmaraad: 'We moeten nu in de uitvoering gaan ontschotten. RSZK moet weer worden ervaren als één organisatie die integraal zorg verleent.'

Lastig om oude rol weer op te pakken

Makkelijker gezegd dan gedaan, weet Dianne Engels: 'Op het moment dat de cliënt uiteindelijk bij ons terechtkomt, in zorg met verblijf en behandeling, zit de begeleidende familie vaak tegen de uitputtingsgrens aan. Familieleden zeggen dan "Ik kom over twee weken weer terug, dan heb ik weer energie." Maar in die twee weken is vader of moeder bij ons zo in het systeem komen te zitten, dat het voor de mantelzorger heel lastig wordt om de oude rol weer op te pakken.'

Programmaraad-voorzitter René Nillesen: 'Dat moeten we echt gaan verbeteren. Ruim voor opname bij de familie op bezoek gaan zou al schelen. Dan heb je een beeld en weet je hoe mensen in die familie met elkaar omgaan. Maar wellicht zijn er meer wegen om een breuk met de familie te voorkomen. De Programmaraad kan dat uitwijzen.'

Methode ‘familiezorg’

De Programmaraad bestaat uit werkgroepen met vertegenwoordigers van alle disciplines en diensten die bij de dementiezorg van RSZK zijn betrokken. De raad geeft daarbij meer eigen regelruimte aan medewerkers en werkt – uiteraard - bottom-up. René Nillesen: 'Dat is goed voor de betrokkenheid en noodzakelijke dialoog.'

De Programmaraad is nog volop in wording. In voor zorg-coaches begeleiden  dit traject. René Nillesen: 'Eind september 2011 moeten de thema’s en de exacte taakopdracht bekend zijn.' Wel is al duidelijk dat de methode ‘familiezorg’ (zie Expertisecentrumfamiliezorg Externe link) ) als richtsnoer voor de nieuwe procesonderdelen wordt ingezet.

Medio 2013 moet de interne keten vervolgens zo zijn aangepast dat de cliënt en zijn mantelzorgers de verbeteringen in de praktijk goed kunnen merken. Om die verbeteringen te kunnen objectiveren, wordt een toetsinstrument ingebouwd dat ‘smart’ (specifiek, meetbaar, aanvaardbaar, realistisch en tijdgebonden) aangeeft in welke mate en op welke onderdelen van verbeteringen sprake is. René Nillesen: 'Over anderhalf jaar moet de cliënt onze interne gang van zaken ervaren als een weldadig bad.'

Meer weten

Lees hier meer over de deelname van RSZK aan het In voor zorg-traject