invoorzorg.nl gebruikt cookies om het gebruik van de website te analyseren en het gebruiksgemak te verbeteren. Lees meer over cookies.

Ondersteuning bij veranderingen in de langdurige zorg.

Verslag workshop 'Lean Startup in de zorg'

Gepubliceerd op:

Op 27 januari was het symposium ‘Business- en verdienmodellen in de langdurige zorg’. De workshop ‘Lean Startup in de Zorg’ werd geleid door Huub Raemakers van Twynstra Gudde.

Huub Raemakers is als adviseur sinds 2003 actief in de gezondheidszorg; de laatste 4 jaar richt hij zich voor Twynstra Gudde volledig op VVT-organisaties in het hele land, op het gebied van strategie en innovatie. Raemakers kwam uit een geheel andere hoek, toen hij voorafgaande aan het spatten van de internetbubble, het debacle met Worldonline en de gevolgen van 9/11 actief was in de e-business, waarin hij veel met start-ups te maken had. Die ervaringen van toen, heeft hij meegebracht naar de gezondheidszorg.

Aanleiding

Wat is Lean Startup? Het is een methode om het instrument business model canvas toe te passen.

Lean Startup komt overwaaien uit Sillicon Valley; allemaal briljante plannen van snelle bedrijfjes bleken merendeels op drijfzand gebouwd. Veel plannen bevatten aannames; nodig was een methode om die aannames te toetsen en de plannen te doorgronden. Daaruit is Lean Startup geboren.

Volgens de ‘old school’ – start-up-methode, mislukt wel 75 procent van alle start-ups. Zeker in een snel veranderende omgeving, is het gehele traject van businessplan tot lancering tot mislukken gedoemd. De gezondheidszorg is bij uitstek een snel en onvoorspelbaar veranderende omgeving.

Lean, ofwel: weg met de verspilling, bestaat eruit het zo ver niet te laten komen. Maar alle aannames in het businessmodel te toetsen, keer op keer. Lean betekent ook dat je niet iets maakt waar mensen helemaal niet op zitten te wachten. Dat is bij uitstek verspilling. Binnen en buiten de zorg. Maar het gebeurt heel veel.

Wat is het?

Lean Startup gaat uit van een leerproces waarin telkens een klein stapje wordt gezet, in tijd en moeite, iteratief dus. In ieder stapje doet de projectgroep zo veel mogelijk leermomenten op met het toetsen van de aannames die staan vermeld in het businessmodel canvas. Aan de hand van de uitkomsten wordt het businessmodel doorontwikkeld (persevere), iets nieuws bedacht (pivot) of No Go gegeven. Je hebt dus 2 keuzes: perservere (doorgaan) of pivot (terug naar de tekentafel).

Juist als je fout blijkt te zitten met je aannames, leer je daar het meeste van. Neem een initiatief als Blendle; recentelijk haalden zij enkele miljoenen op. Zij hebben wel 200 keer hun canvas herzien. Steeds weer namen zij de verschillende onderdelen onder de loep. Alle aannames in het model moesten zij checken. Het meeste van wat zij aanvankelijk aannamen, klopte niet.

Hoe werkt het?

Hoe doe je dat? Door het canvas dat je hebt opgesteld aan zoveel mogelijk mensen te laten zien. Raemakers vertelt dat het een hardnekkig verschijnsel is om niet met de doelgroep te gaan praten. Zorgorganisaties bij uitstek praten met iedereen over hun plan, behalve met de mensen om wie het gaat.

Lean Startup bestaat daarvoor uit een aantal bouwstenen. (Zie presentatie) Vandaag gaat het om customer development. Customer development is dus wat anders dan product development. Veel mensen zijn geneigd om productaanpassingen te doen om het product beter te maken, maar niet eerst aan de doelgroep te vragen hoe zij dat zien. De enige uitzondering voor wie dat wel werkt, lijkt Apple te zijn. Zij ontwerpen vanuit visie. Maar als jouw organisatie geen ‘Apple’ heet, dan zul je jouw klanten moeten bevragen.

Customer development is het voortdurend aanpassen van de aannames in het business model door vroegtijdige feedback van klanten. Experimenteren dus!

Ieder vakje in het canvas moet je toetsen op aannames. Wat je vooral niet moet doen is het canvas tegen iemand aanhouden. Dan krijg je een abstract gesprek over de hokjes in het canvas en een discussie of de aannames nou wel kloppen. Nee, wat moet gebeuren is het tastbaar maken van wat in al die 12 vakjes staat. Dat kan op veel verschillende manieren.

Zomaar wat ideeën:

  • Een proefopstelling doen en dan observeren wat er gebeurt. Werkt het? Lukt het? Wordt het gewaardeerd? Neem Ikea; hun is gevraagd om een andere manier van indelen te bedenken voor kleinere woonruimtes bij verpleeghuizen. Zij laten daarmee zien hoe je anders kunt omgaan met een formeel gesproken te kleine ruimte; hoe kun je die zo indelen dat het wel kan?
  • A- en B-testen met brochures: maak 2 brochures: een met een Ikea-inrichting en een met een traditionele indeling: wat kiezen bewoners en hun verwanten? Levert enorm veel informatie op. 
  • Later blijkt in het praktijkdeel van deze workshop, dat de ideeën van de deelnemers divers zijn. Er blijkt veel inspiratie te zijn voor het organiseren van proefopstellingen in leegstaande delen van een pand of in een hotellocatie als Van de Valk en het testen daarvan; wat mensen daarvoor willen betalen en wat de beoogde doelgroep dan verkiest.

Kernbegrip in Lean Startup is ‘minimaal werkend product’; niet in detail uitgewerkt, maar genoeg om te kunnen toetsen of het werkt. 

Leuk voorbeeld: Dropbox werd pas begrepen toen zij het filmpje lieten zien dat nog steeds circuleert. In het begin zeiden alle investeerders nee. Maar dat kwam door de technische uitleg van wat zij doen. Pas toen zij lieten zien wat het betekende voor de gebruikers en dat visueel maakten, ging het leven en kwam het plan van de grond. Ook in de zorg zien we momenteel dat tekenfilmpjes het goed doen.

De Praktijk

Onderdeel van de workshop is dat deelnemers in groepjes van 2 of 3 een hokje uit het businessmodel canvas, dat voor de gelegenheid is ingevuld door Raemakers, gaan voorzien van een passend experiment. De casus is eenvoudig en van secundair belang; het gaat om het ontwikkelen van een experiment om te toetsen of de aannames in het model kloppen.

Evaluatie

Raemakers staat tijdens de evaluatie stil bij een valkuil die altijd blijkt bij werken volgens Lean Startup: toch weer onderling opnieuw ter discussie stellen wat er in het canvas is ingevuld. Is dat nou wel waar? Is dat nou wel een goed idee? Hoewel waardevol, is dat niet wat Lean Startup inhoudt: 'Ga eerst nou naar buiten en praten met andere partijen. Toetsen of het klopt of niet.' Waak ervoor dat het canvas uitdijt en een dik pak papier ontstaat voordat je hebt getoetst hoe het zit met je aannames.

Deelnemers vragen zich af of alle hokjes afzonderlijk van die uitgebreide experimenten verlangen. Raemakers stelt dat samenvoegen van hokjes en experimenten veel gebeurt. Dat is prima, het is belangrijk dat je aannames duidelijk formuleert en die toetst. Het maakt niet uit of je dan wat samenvoegt. De zorgverzekeraar houdt zich immers ook niet aan de blokjes. Sterker nog: vaak krijg je een antwoord op een vraag die je niet stelde! Stel je open voor wat het oplevert.

Houd de eerste experimenten klein, legt Raemakers uit naar aanleiding van een andere vraag. 'Ga eerst eens gewoon met iemand praten. Uit de doelgroep of iemand die al eerder iets vergelijkbaars deed bijvoorbeeld. Zoek iemand uit een aanpalende business. Waar liepen anderen tegenaan?' Het experiment is dan meer een zoektochtje naar de juiste mensen om mee te praten.

Ook goed: laat het eens doorrekenen, jouw plan. Niet meteen ingewikkeld doen. Antwoorden vinden op de aannames, daar gaat het om.

Samenvattend: in aanvulling op het ochtendprogramma van vandaag; zorg ervoor dat je businessmodel klopt. Daarvoor ga je het canvas dat je hebt ingevuld toetsen. Praten en experimenteren met de doelgroep van het betreffende vakje in het canvas. Dat kan een heleboel keer tot een nieuw canvas leiden. Dus: niet blijven nadenken of je canvas wel klopt, maar aan de slag met de doelgroep. Totdat het klopt. Dan weet je zeker dat je idee een succes wordt.

Verslag door Ellen Kleverlaan

Meer weten

 

 


 

 

Dossier(s)

Tags

In voor zorg! is een programma van het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, en Vilans, Kenniscentrum voor langdurige zorg