invoorzorg.nl gebruikt cookies om het gebruik van de website te analyseren en het gebruiksgemak te verbeteren. Lees meer over cookies.

Ondersteuning bij veranderingen in de langdurige zorg.

Verslag werkconferentie In voor zorg! Naar een waardevolle toekomst’

Gepubliceerd op: | Laatst gewijzigd op:

Er was 1 deelnemer op de werkconferentie ‘In voor zorg! Naar een waardevolle toekomst’ die niets had gemerkt van veranderingen in haar werk. De vele honderden om haar heen des te meer, zo bleek 24 juni 2013 naar aanleiding van een vraag van dagvoorzitter Lennart Booij. Die ene medewerker, werkzaam in de palliatieve zorg, gaf wel aan dat zij binnenkort positieve veranderingen verwachtte. Komt het toch nog goed.

'We zijn ons bewuster van het vak, er gebeuren geweldige dingen. Bottum-up en vanuit de eigen kracht van de medewerker', stelde Jeannette Frans van het verpleeghuis van zorgorganisatie RSZK aan het begin van deze ‘goed gevulde’ conferentie in de Amsterdamse RAI.

Pleidooi voor subjectieve ruis

Ook Anne-Mei The, spreker op dit symposium en gespecialiseerd in het versterken van de relatie tussen zorgmedewerker en cliënt, vindt dat er geweldige dingen gebeuren, maar plaatst daar wel wat kanttekeningen bij. 'Hoeveel tijd bent u werkelijk bezig met de cliënt? Zijn we niet onbedoeld meer met onszelf bezig? Er gaat zoveel tijd verloren aan gedoe, onderling gekissebis en bureaucratie. Nieuwe bezuinigen zetten de zorg nog meer onder druk.' 'Maar', betoogde zij. 'Meer druk heeft ook een voordeel. Door meer druk hebben we straks ook geen tijd meer voor gedoe en bureaucratie. En misschien moeten we ook voor ons zelf maar eens bekennen dat meten en zichtbaar maken van kwaliteit teveel een doel op zichzelf is geworden. Waarom mag subjectieve ruis niet bestaan? Die ene blik, die hand op je schouder – gratis en pijnlijk eenvoudig - , die vind je in geen enkele prestatie-indicator terug. Toch maakt dat wel het verschil voor de persoonlijke relatie tussen cliënt en professional.'

Gezond verstand

Kees van der Burg, directeur Langdurige Zorg van het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS), ging nader in op het gedoe en de bureaucratie: 'Anne-Mei heeft gelijk. We zijn een systeem uit 1968 aan het bijtrekken. Gaandeweg domineren niet de regels, maar het gezond verstand. Voorbeeld: je kunt 4 uur huishoudelijke zorg voor een cliënt regelen en daarbij ook de mantelzorger ondersteunen. Maar je kunt ook 2 uur huishoudelijke zorg aan de mantelzorger geven, zodat zij meer tijd heeft om de cliënt te helpen. Anders denken dus, je gezonde verstand gebruiken.

Gezond verstand leidt niet zelden tot andere keuzes, zo toonde wethouder Hendrik Hoeksema van Oss aan: 'Wij gaan in onze regio (12 gemeenten) al het geld voor zorg en welzijn bij elkaar doen en stoppen dat in een budget waarover de professionals in de wijk zelf kunnen beschikken. Zorg en welzijn zonder indicaties, we laten de verdeling over aan het inzicht van de zorg- en welzijnspartners in de wijk. Dat is sturen op maatschappelijk effect.' Kees Verburg staat daar niet onwelwillend tegenover, zo liet hij weten, en gaf aan dat ook in Amsterdam, Ede en Bennekom zulke ontwikkelingen gaande zijn.

Het gonst in de wandelgangen

Met Anne-Mei The en een positieve dwarsdenker als Hendrik Hoeksema was 24 juni 2013 de toon wel gezet. Het prikkelde de honderden deelnemers tot stellingname. Evi van der Van van het Cliëntenservicebureau van Valkenhof uit Valkenswaard bijvoorbeeld: 'Anne-Mei The schoot in de roos. Maar haar boodschap was vooral bedoeld voor bestuurders, want wij in de zorg weten allang dat persoonlijke aandacht meer voor een cliënt betekent dan werken volgens protocollen.'

Niet te lang wachten met ingrijpen

De werkconferentie was 24 juni 2013 vooral ook het podium voor workshops. Een deel van die workshops ging direct of indirect over zelfsturende en zelforganiserende teams. Zo’n team is niet van de ene op de andere dag in topvorm. 'Een manager of coach moet niet te snel willen ingrijpen als het niet meteen lekker loopt. Handen op de rug, dat is het beste', zo stelde een workshopbegeleider. Rutger Scholte ter Horst maakte zich daar tijdens de lunch toch een beetje boos over. Hij is voorzitter van een cliëntenraad en ervaringsdeskundige in de GGZ. Rutger: 'Je moet niet te lang wachten met ingrijpen als het niet goed gaat in een team. We hebben het over veranderingen die cliënten ten goede moeten komen. Als het proces lastiger is dan verwacht, laat het dan lastig zijn voor medewerkers en niet voor de cliënten die van deze medewerkers-in-verandering afhankelijk zijn.'

Het verhaal van de wijkzuster

Het verhaal van de wijkzusters Sanne van Etten en Judith van Hoof van thuiszorgorganisatie Surplus was als workshop een publiekstrekker. De casus is dan ook bijzonder. De Kruisvereniging bracht in 2010 de ‘oude’ wijkzuster in een nieuw jasje terug in West-Brabant. De uitvoering van het wijkzusterwerk doet de Kruisvereniging niet zelf. Dat laat
ze over aan Surplus, tanteLouise-Vivensis en Thuiszorg DAT.
Belangrijk is de onafhankelijke rol die de wijkzuster speelt. Het kan dus zo zijn dat - als de cliënt dat wil - de zorg geleverd wordt door een andere zorgaanbieder dan bij wie de wijkzuster in dienst is.

'Ik begrijp dat deze aanpak jullie bevalt, maar wat vindt de cliënt er nu eigenlijk van?', wilde een deelnemer weten.
Sanne van Etten: 'Cliënten voelen zich gehoord. En regelmatig ontdekken cliënten dat ze zelf meer kunnen dan ze dachten.' Voor sommige workshop-deelnemers was het wijkzusterverhaal een eye-opener. Menigeen dacht dat het fenomeen ‘kruisvereniging’ niet meer bestond. Maar in West-Brabant leeft het kruiswerk nog volop. Wijkzuster Judith van Hoof: '1 op de 3 West-Brabanders is lid van een kruisvereniging. Het is iets bindends met voordelen die verder gaan dan de zorg alleen. Korting op het zwembad bijvoorbeeld.'

IPad intensiveert contact met cliënt

Een haast letterlijke eye-opener was de beeldtelefonie-workshop van RIBW ZWWF (begeleiding van mensen met een psychiatrische aandoening). RIBW ZWWF voorzag 25 cliënten en medewerkers van iPads. Die cliënten en medewerkers communiceren nu face-to-face en zonder tussenkomst van een centrale. Niet als vervanging van live-contact, maar als aanvulling. In voor zorg! ondersteunt deze operatie. De iPad-missie is een succes. 'We hebben er al diverse crisissen mee kunnen voorkomen', aldus cliëntbegeleider Jans Visscher. Met de iPad kan gepland en ongepland overleg werden gevoerd. Kees Zandbergen is één van de cliënten die nu via de iPad contact kan leggen met zijn begeleidster Jans Visscher. Kees: 'Ontzettend fijn. Ik kan nu ook vanaf mijn werk beeldbellen. Voorheen moest ik dan een halve dag vrij nemen om met mijn begeleider te gaan praten.'

Het voordeel gaat verder dan de logistiek alleen. Jans: 'Kees belt altijd op een vaste tijd. Toen hij een keer op een andere tijd belde, vermoedde ik dat er iets aan de hand was. Ik zag via het beeldscherm aan Kees’ ogen dat het niet goed met hem ging en kon meteen in actie komen.' Kees: 'Op deze manier heb ik directer contact met mijn begeleider dan eerst.' Jans: 'Beeldbellen als extra service scheelt mij zoveel tijd dat ik er binnenkort meer cliënten bij krijg.' Coach Angelique Noordeloos: 'Er worden in totaal 100 iPads ingezet. Het succes is nu al zo groot dat het zeer waarschijnlijk is dat beeldschermcontact standaard in het behandelaanbod wordt opgenomen.'

Verslag door Rob van Es.

Meer weten

Dossier(s)

Tags

In voor zorg! is een programma van het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, en Vilans, Kenniscentrum voor langdurige zorg