invoorzorg.nl gebruikt cookies om het gebruik van de website te analyseren en het gebruiksgemak te verbeteren. Lees meer over cookies.

Ondersteuning bij veranderingen in de langdurige zorg.

Verslag Masterclass ‘De manager in een snel veranderende omgeving’

Gepubliceerd op: | Laatst gewijzigd op:

De hervormingsagenda langdurige zorg (HLZ) is niet alleen een systeemwijziging, het is vooral een culturele transitie, zegt Hannie Treffers (Programmaleider In voor zorg!)  als zij de Masterclass ‘De manager in een snel veranderende omgeving’ opent. Een transitie met vergaande maatschappelijke implicaties. In voor zorg! faciliteert deze transitie. Zowel op systeemniveau, gericht op organisaties, als op het niveau van de cliënt en zijn omgeving. Vandaag krijgen managers in de langdurige zorg enkele perspectieven voorgeschoteld opdat zij betere keuzen kunnen maken.

Achtereenvolgens het perspectief van een organisatieadviseur, een gemeente, een cliënt en zijn omgeving en de zorgverlener als ondernemer.

De organisatieadviseur

Het perspectief van Pierre van Amelsvoort, organisatieadviseur, gespecialiseerd in veranderingen. Van Amelsvoort zegt dat de helft van de organisaties zal verdwijnen in de komende jaren. Niet het werk verdwijnt, wel de organisaties. Volgens hem is het devies: Nu veranderen. Bij veranderen zit het venijn in de start, niet de staart; je moet nadenken voordat je begint. In de nieuwe realiteit is de grootste zorg de demografische ontwikkeling, zo betoogt hij. Vergrijzing, ontgroening; een arbeidsmarkt die krapper wordt: nu werken twee mensen voor een niet- werkende, over twintig jaar is het omgekeerd. Het zal ons voor gigantische productiviteitsproblemen stellen. Geleidelijke innovatie is niet genoeg, er is een productiviteitssprong nodig.

Wat nodig is, is het empoweren van de cliënt, patiënt, bewoner, partner, hulpverlener. Daarnaast: technologische innovatie, robotica en zorg op afstand. Tot nu toe draagt het niet bij aan de productiviteit. Waarom niet? Omdat we techniek toepassen in traditionele organisaties. Dus: slimmer organiseren en de-bureaucratiseren;  80 procent van de organisaties werkt nog steeds zoals 100 jaar geleden. Want versimplificatie van werk, schaalvergroting, scheiden van management en uitvoering: de overhead is daardoor juist enorm toegenomen.

Daarom pleit Pierre van Amelsvoort voor:

  • Multidisciplinaire teams, waarbij we letten op de menselijke maat; dus zodanig groot of klein dat het niet georganiseerd hoeft te worden. Werk organiseren rondom de vraag/zorg, niet rondom de organisaties. Ketenintegratie, of het vermogen om horizontaal te verbinden, wordt cruciaal.
  • Zelfredzaamheid, in ieder geval in toenemende mate. Ook: coöperaties van organisaties. Professionals die elkaar vinden. Samenwerking op basis van vertrouwen, met zero-tolerance: als je het vertrouwen schaadt, is het over. Consistente ondersteuning.
  • Sturen op resultaat. Wie is goed waarin? Jobcrafting: taken worden individueel bepaald. Als team moet je compleet zijn, niet als individu. Leidinggeven aan professionals? Blijft een recht: gecorrigeerd worden, richting ontvangen. Cultuurverandering? Vooral een kwestie van feedback geven, positief en negatief. Contact maken dus.
  • Aantal managementlagen: minimaliseren. Niet lagen creëren die beslissingen nemen op dezelfde tijdslijn als andere lagen. Nieuwe werkelijkheid: collectief leiderschap

Masterclass 6 juni

De gemeente

Dan het perspectief van de gemeente Kaag en Braassem: Floris Schoonderwoerd, wethouder Samenleving en Elke Louwers, manager Samenleving (sociale domein) zijn aan het woord. Kaag en Braassem is groot qua oppervlakte, klein qua inwoners (25.000), onderdeel van Holland Rijnland. Het is een waterrijk gebied. 19 procent van BNP gaat op aan zorg. Zonder ingrijpen wordt dat gauw 40 procent.

De belevingswereld van gemeenten is een andere dan die van zorgorganisaties, zegt Schoonderwoerd:

  1. We hebben niks met zorgorganisaties maar veel met zorg
  2. Veel zorgorganisaties gaan uit van individuele aandoeningen. Ons gaat het om collectieve voorzieningen.
  3. De verschuiving van formele naar informele zorg wordt een taak voor zorgorganisaties.
  4. Focus op samenwerking.

De gemeente Kaag en Braassem maakte met het veld (zorg- en welzijnsorganisaties) een analyse van de knelpunten. De politiek bepaalde op basis daarvan aantal opgaven. Een selectie: tegengaan van overgewicht, voldoende beweging, meer mensen aan het werk - betaald en onbetaald, bevorderen van de vrijwillige inzet, het ondersteunen van mantelzorg. Het veld kon op deze opgaves intekenen. De bestaande subsidierelaties gingen op de schop. Het totale budget is vervolgens verdeeld over 12 gedefinieerde opgaves. Dus niet op afzonderlijke activiteiten, maar op de resultaten. De gemeente wil alleen met zorgorganisaties werken die samenwerken aan het resultaat. Organisaties die bij de gemeenten aankloppen met hun gebruikelijke jaarplannen, hebben het niet gered.

De gemeenten zijn er niet om de zorgorganisaties in stand te houden. Wel om de zorg te (laten) leveren die nodig is voor inwoners. Een fundamenteel andere benadering van zorg.

De cliënt en zijn omgeving

Het perspectief van Marjo Brouns, mantelzorger. Haar man raakte ruim 4 jaar geleden gehandicapt door een val in huis en heeft intensief zorg nodig. Hij kan koffie zetten, niet met een bal gooien; dat schetst zijn situatie. Hij heeft chronische pijnklachten en chronische vermoeidheidsklachten. Brouns tekent haar werkelijkheid: wel 40 verschillende individuen en instanties met wie zij te maken heeft (gehad). Sommigen eens per jaar, andere drie keer per week. Veel afspraken zijn niet met elkaar te combineren. Telkens weer allerlei formulieren invullen. Bij zorgorganisaties, bij gemeentes. Veel gaat goed, veel ook niet. Hoe gaat dat straks? Brouns hoopt op een coördinator/casemanager/iemand die voor alle zorg en welzijn aanspreekbaar is. Maar wel zelf de regie houden.

We moeten eens ophouden met oplossingen aandragen, vindt ze. Brouns zegt al die tijd al om de oren geslagen te worden met oplossingen. Zo word je niet meer uitgedaagd om zelf oplossingen voor problemen te verzinnen. Door de beoogde mantelzorgbegeleiding zal de mantelzorger weinig initiatief gegund zijn om zelf met oplossingen voor gevoelde problemen te komen.

Masterclass 6 juni Brouns

De zorgverlener als ondernemer

Het perspectief van Tony Wijntuin, organisatieadviseur en coach In voor zorg! bij Dichterbij ‘Meedoen werkt’. Alles wat je doet als organisatie moet je doen voor de eindgebruiker en moet bijdragen aan organisatiedoelstellingen, zegt hij. Waardecreatie dus: toegevoegde waarde creëren met jouw producten of diensten.

Een verdienmodel beschrijft hoe een organisatie geld verdient. Met het Canvas businessmodel ontwerp je zo’n verdienmodel. Vraag je bij elk veld dat je invult af wat de toegevoegde waarde is, zegt Wijntuin. Een voorbeeld: 20 KPI’s geformuleerd? Wat draagt nou echt bij aan je kernpropositie? En zo niet? Meteen mee stoppen. Belangrijk item voor zorgorganisaties in dit model is ‘samenwerkingspartners’. Combineer dat met: nadenken over andere bronnen van inkomsten: je hoeft je niet afhankelijk te maken van de gemeente.

Echter: het zit volgens Tony Wijntuin niet in het DNA van zorgorganisaties om na te denken over andere financieringsstromen en zich als ondernemer op te stellen. Denk aan de producten die gemaakt worden bij Dagbesteding. De gangbare gedachtegang: we kunnen geen grote volumes aanbieden die hetzelfde kwaliteitsniveau hebben. Maar je kunt de propositie ook als volgt formuleren: unieke producten van een unieke kwaliteit, enig in hun soort. Of neem autisten: die kunnen we positioneren als mensen met een unieke eigenschap. Er zijn al bedrijven die voor specifiek werk juist graag met autisten werken.

Verslag Masterclass 6 juni

Zorgondernemers zouden wat meer uit hun schulp moeten kruipen en gaan samenwerken. Niet denken in ‘we zijn niet speciaal of we hebben niks te bieden’. Maar van ‘we zijn maar klein’ naar ‘we zijn klein dus we kunnen een grote organisatie flexibiliteit bieden.’ Of van ‘we zijn een mammoettanker’ naar ‘wij bieden schaalgrootte’. Wijntuin zegt: klein beginnen! Ondernemen wordt te snel vertaald naar: ik moet dingen verzinnen die nieuw zijn. Maar ondernemen is ook: verbinding maken, samenwerking opzoeken.

Verslag: Ellen Kleverlaan

Meer weten

Dossier(s)

Tags

In voor zorg! is een programma van het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, en Vilans, Kenniscentrum voor langdurige zorg