invoorzorg.nl gebruikt cookies om het gebruik van de website te analyseren en het gebruiksgemak te verbeteren. Lees meer over cookies.

Ondersteuning bij veranderingen in de langdurige zorg.

Experiment Regelarme Instellingen: de tussenstand

Gepubliceerd op: | Laatst gewijzigd op:

Het Experiment regelarme instellingen (ERAI) loopt nu 1 jaar. Er is veel bereikt, maar er staat nog veel meer te gebeuren. Zo bleek uit de bijeenkomst op 25 februari 2013 bij zorginstelling Abrona in Huis ter Heide.

Directeur Willem Melissen van Abrona verwelkomde de deelnemers met een dia van een schijnbaar onbeklimbare berg. Want: regelarme zorg, je kan er als een berg tegenop zien, maar er zijn honderden manieren om omhoog te gaan. En bovenop is het uitzicht prachtig, zo toonde hij in een volgende dia. ‘Het Experiment regelarme instellingen is een belangrijke innovatie voor betaalbare zorg’, aldus Melissen. Hij is dan ook blij dat vertegenwoordigers uit de hele keten aanwezig zijn in Huis ter Heide: de deelnemende zorgverleners, maar ook bijvoorbeeld het Centrum indicatiestelling zorg (CIZ), de zorgkantoren, het CAK, Vereniging Gehandicaptenzorg Nederland (VGN), de Inspectie voor de Gezondheidszorg (IGZ), de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) en het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS). 

Regels uit het niets

Maar gaat regelarme zorg niet tegen alle trends in, nu er schandalen aan het licht komen in andere sectoren als het onderwijs en de woningcorporaties? Dat was de vraag aan Marcelis Boereboom, directeur-generaal (DG) Langdurige zorg van het ministerie van VWS. ‘Uitwassen zijn niet te voorkomen, ook niet als je alles dichttimmert met regels, zo bleek in die sectoren’, aldus Boereboom. En sommige regels ontstaan zomaar uit het niets. Daar kwam hij achter toen hij en zijn medewerkers meeliepen bij de zorgorganisaties. ‘Er moesten codes worden ingevoerd om iets te registreren. “Dat moet van het departement”, zo vertelde men mij. Ik ben dat nagegaan, maar het was niet zo. Niemand weet wie die regel heeft bedacht.’

Bijeenkomst ERAI

Aan de hand van voorbeelden gaf hij aan hoe het afgelopen jaar regels succesvol uit de instellingen verdwenen. De indicatiestelling is vereenvoudigd, de incidentmeldingen aan de IGZ zijn versimpeld. En een groot gedeelte van het jaardocument maatschappelijke verantwoording is weg, wel overigens tot verdriet van accountants. ‘Het kan best pijn doen als je niet meer comfortabel de informatie krijgt die je altijd kreeg’, zegt Boereboom. We staan in de langdurige zorg voor een forse hervorming. Die hervorming moet gepaard gaan met blijvende verlaging van de administratieve lasten, vertelde Boereboom. ‘Voorwaarde is wel dat we slim gaan decentraliseren: gemeentes moeten passende arrangementen maken, maar ook administratieve processen synchroniseren of standaardiseren. Zo kan er met minder geld beter in de behoeften van burgers worden voorzien.’

De Hoven: richten op positief welbevinden

Als uitsmijter gaf de DG nog een voorbeeld van een onzinnige regel die overboord is gegooid. ‘In Groningen stopten ze met voedingsregels. Want een man van 95 die zijn leven lang op het land heeft gewerkt en dus altijd vette jus at, die pak je dat toch niet af?’ ‘Ik ben van die club van de vette jus’, introduceerde André Enter zich. Hij is regiodirecteur van De Hoven (deelnemer ERAI). Maar hij haalde ook het voorbeeld van het appeltje aan. ‘Een vrouw at heel haar leven ’s avonds een appeltje aan tafel. Ze liet dan een paar stukjes liggen voor de volgende ochtend. Maar de richtlijn was: onafgedekt eten wordt weggegooid. Dus waren haar stukjes verdwenen. Tot grote verontwaardiging: deze vrouw had honger geleden in de oorlog en zou nooit eten weggooien.’

Resultaten 1e fase

Enter presenteerde de resultaten van de 1e fase van het project Zorg Zonder Regels. ‘Uit contact met Joris Slaets, hoogleraar ouderengeneeskunde verbonden aan het Universitair Medisch Centrum Groningen (UMCG), bleek dat wij de focus anders moesten leggen. Wij hebben ons altijd gericht op fysieke risicobeperking, maar we moeten ons juist richten op positief welbevinden.’ En dan kunnen er regels afvallen. ‘We meten de tevredenheid bij cliënten over 8 basisbehoeften. Als die negatief is, dan vragen we door. Als blijkt dat regels dat gevoel tegenzitten, dan zetten we die uit.’ Als voorbeeld geeft hij richtlijnen op het gebied van Harmonisatie Kwaliteitsbeoordeling in de Zorgsector (HKZ) en Hazard Analysis and Critical Control Points (HACCP).

 Bijeenkomst ERAI

Tevredenheid basisbehoeften

De tevredenheid over basisbehoeften is gestegen bij cliënten naarmate ze ouder worden, daar waar die normaal in zorgorganisaties daalt. Het gevoel van kwetsbaarheid neemt af. En onder het personeel is de werktevredenheid significant gestegen, wat te zien is in de verzuimcijfers. En er is ‘bijvangst’, legt Enter uit. De behoefte aan medicatie neemt af en er zijn minder MIC’s (Melding Incident Cliënt). Over kostenbesparing blijft André Enter terughoudend. ‘Dat was voor ons niet de motivatie om aan regelarme zorg te beginnen. Maar het geeft financieel wel wat lucht.’

Handen in Een: zorgindicaties overbodig

Klaas de Jong benadrukt uitdrukkelijker de kostenaspecten. Hij is projectleider van Handen in Een, in de wijk Leeuwarden-West. Daarin werken Palet, Thuiszorg het Friese Land, Noorderbreedte, Zorgkompas en gemeente Leeuwarden samen met advies van Frieslab en Zorgbelang Fryslân. De Jong legt uit wat de juiste prikkel tot ontzorgen bleek: niet productiefinanciering of marktwerking, maar wijkgerichte financiering en het weghalen van schotten tussen AWBZ- en Wmo-budgetten. En dat maakt de administratielast veel kleiner. Nu dit het afgelopen jaar succesvol bleek, wil Handen in Een doorschakelen. Klaas de Jong: ‘Vanaf het 2e kwartaal gaan we onderzoek doen naar aanbestedingsvormen. Kunnen partijen gaan samenwerken, met als uitgangspunt de zorgconsumptie? Dat zou zorgindicaties overbodig maken.’ De organisatie houdt de indicaties dan ook onzichtbaar, legt de projectleider uit.

Bijeenkomst ERAI

Handen in Een draait om het verbreden van de aanpak, van zorg naar samenleving. In de wijk worden sociale netwerken versterkt. Klaas de Jong geeft enkele voorbeelden: de ouderensociëteit wordt verbonden aan de dagopvang (waardoor de indicatiestellingen helemaal door elkaar gaan lopen). De participatie van burgers wordt uitgebreid, bijvoorbeeld door een flexibeler vervoerssysteem te ontwikkelen als alternatief voor de taxibusjes. En door middel van computergames leren mantelzorgers tillen en cliënten grip houden op hun leven. Het project is succesvol. Maar er zijn ook 'puzzels', vertelt De Jong. ‘Het vraagt de wil of de lef van concurrenten om samen te werken. Het vraagt een andere manier van denken bij zorgmedewerkers, van 'zorgen voor' naar 'zorgen dat'. En het is belangrijk hoe regelarm werken gebracht wordt. Je moet het niet labellen als bezuinigingsmaatregel.’

Stapje voor stapje

Na de 2 praktijkvoorbeelden discussieerde de zaal over regelarm werken. Ergens in dat gesprek vatte Klaas de Jong de stand van zaken kernachtig samen: ‘Iets regelen is makkelijker dan iets ontregelen.’ Want er kwamen een hoop risico’s en ingewikkelde systemen naar boven. Bovendien bieden regels ook houvast, bijvoorbeeld bij tegenstrijdige belangen tussen cliënt en familie. Na 1 jaar ERAI is er veel bereikt. ‘Maar de organisaties in de keten gaan elkaar nog tegenkomen’, waarschuwde Marcelis Boereboom. ‘Zo moet het gaan. We moeten continu de grenzen opzoeken en verder werken, stapje voor stapje, stukje bij beetje.’ Projectleider Merel Gosens van VWS benadrukte daarom het belang van de aanwezigheid van alle partijen die dit samen moeten doen. Door middel van bijeenkomsten en publicaties blijven zij op de hoogte. En de komende tijd zal VWS praktijkexpedities voor deelnemers aan de experimenten en voor andere zorgorganisaties organiseren.

 

Als het aan de overheid ligt gaat dat zeker nog 2 jaar verder. Marcelis Boereboom garandeerde dat het experiment in ieder geval tot januari 2015 doorgaat. En dan? Boereboom: ‘Het is succesvol als het dan niet bij een experiment is gebleven, maar dat we een cultuuromslag voor elkaar hebben gekregen.’

Verslag door Leendert Douma.

Meer weten

Dossier(s)

In voor zorg! is een programma van het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, en Vilans, Kenniscentrum voor langdurige zorg