invoorzorg.nl gebruikt cookies om het gebruik van de website te analyseren en het gebruiksgemak te verbeteren. Lees meer over cookies.

Ondersteuning bij veranderingen in de langdurige zorg.

Keynote Irma Harmelink: 'Zelfsturing is een way of life'

Gepubliceerd op:

Irma Harmelink (Elver) verzorgde tijdens het eindcongres van In voor zorg! op 19 april 2017 een keynote over zelfsturing in de zorg. Ze waarschuwt dat zelfsturing geen trucje is. ‘Het is veel meer dan een structuurverandering.'

Als het om zelfsturing gaat, is bestuurder Irma Harmelink ervaringsdeskundige. Zeven jaar geleden zette ze bij ouderenzorgorganisatie ZorgAccent de ontwikkeling in gang. Sinds kort is ze bestuurder van Elver, een organisatie voor mensen met een verstandelijke beperking, waar de transitie naar zelforganisatie nog gaande is. De positieve effecten van zelfsturing zijn inmiddels algemeen bekend. Maar wat is ervoor nodig om het ook daadwerkelijk te doen slagen? ‘Zelfsturing is een way of life.’

Buurtzorg

Zelfsturing begon bij Buurtzorg. Oprichter Jos de Blok ontwikkelde een nieuw concept voor thuiszorg. Met zelfsturende teams verbeterde hij de aansluiting bij de wensen en behoeften van cliënten sterk. De teams zijn immers zelf verantwoordelijk voor de planning en uitvoering van hun werkzaamheden. Al snel vond het Buurtzorgconcept navolging. Irma Harmelink kent Jos de Blok goed. ‘We zijn plaatsgenoten. En allebei zijn we ooit als wijkverpleegkundige begonnen.’ Als bestuurder van ZorgAccent zette Irma al vroeg de ontwikkeling naar zelfsturing in, met hulp van Buurtzorg en In voor zorg!. Met succes: in 2011 waren alle thuiszorgteams zelfsturend, 3 jaar later ook de woonzorgteams.

Meer dan een structuurverandering

Toen Irma bij ZorgAccent begon, trof ze ontevreden medewerkers op de werkvloer aan. ‘Ze konden hun werk niet doen zoals ze het wilden. Met als gevolg dat ook de cliënten ontevreden waren.’ Het effect van de zelfsturing was groot. ‘Er ontstond ruimte voor de professionals om het goede te doen. Met alle positieve gevolgen van dien voor de kwaliteit van zorg. ’ Ze waarschuwt echter dat zelfsturing geen trucje is. ‘Het is veel meer dan een structuurverandering. Sterker nog: zelfsturing is een way of life. Er moet een verlangen uit spreken: een verlangen naar ruimte, gekoppeld aan de erkenning dat het gaat om de kleine relaties, met unieke cliënten en hun verwanten. Daar moeten we de kwaliteit maken.’

Herverdelen van eigenaarschap

Dat lukt alleen als organisaties de oude paradigma’s loslaten. ‘Ik zie nog te vaak dat het eigenaarschap bij het management blijft’, zegt Irma. ‘Omdat er wantrouwen heerst.’ Organisaties die hiermee worstelen raadt ze het boek ‘Herverdelen van eigenaarschap’ van Jaap van der Mei aan. ‘Hij maakt het verschil inzichtelijk tussen delegeren, dat gebaseerd is op moeten, en eigenaarschap, dat gebaseerd is op willen. Net als het verschil tussen regels op basis van wantrouwen en afspraken op basis van vertrouwen.’

Vertrouwen

Natuurlijk is het spannend om los te laten. Dat heeft Irma zelf ook ervaren. ‘Maar elke keer als ik zelf meewerkte in een huiskamer of in de wijkverpleging en zag hoe vaak professionals beslissingen nemen over dagelijkse dilemma’s, besefte ik dat deze mensen al zoveel eigenaarschap laten zien. Dat vertrouwen kon ik ze dus echt wel geven.’ Ze voegt toe dat er natuurlijk wel eens wat misgaat in een zelfsturende organisatie, maar dat gebeurt in een hiërarchische organisatie ook. Voor Irma is de belangrijkste paradigmashift van ‘doe ik het wel goed in de ogen van mijn leidinggevende’ naar ‘doe ik het wel goed in de ogen van de cliënt’. ‘Dat laatste, daar gaat om. Dan komt de energie los!’

Belemmeringen

Zelfsturing is een fundamenteel andere besturingsvisie, aldus Irma. ‘En dat begint met een zorgvisie die erkent dat kwaliteit ontstaat in de unieke, kleine relatie tussen cliënt, naasten en professional. Met daarnaast een mensvisie gestoeld op vertrouwen.’ Zou de overheid dit vertrouwen dan niet ook meer moeten uitstralen? ‘Er zitten inderdaad nog veel belemmeringen in de systeemwereld’, zegt Irma. ‘Daar ligt een belangrijke taak voor de overheid en instanties als de NZa, verzekeraars en gemeenten. Maar we kunnen zelf ook al in onze eigen organisaties aan de slag.’ Ze haalt het voorbeeld aan van de ZI-meting. Enkele jaren geleden besloot ZorgAccent de meting niet meer uit te voeren. De organisatie ondervond er geen enkele consequentie van. ‘Er zijn veel dingen waarvan we denken dat we ze moeten doen. Dat zijn dus veronderstelde problemen. Hier is de rol van de bestuurder duidelijk: het bestuur als hitteschild voor de buitenwereld.’

Kijken, luisteren en praten

Meten is ook niet het belangrijkste middel om te beoordelen of een organisatie het goed doet. Irma: ‘Veel belangrijker vind ik het om te kijken, te luisteren en te praten. Dat kan in een huiskamer, met de cliëntenraad of bij familiebijeenkomsten. Dan weet en proef je als bestuurder pas echt hoe het gaat. Zelf verhalen ophalen, in plaats van op gemiddelden sturen.’ Als bestuurder let Irma op de verinnerlijking van de visie, op het herverdelen van eigenaarschap. Zelf geeft ze het goede voorbeeld. ‘En daarnaast zijn er natuurlijk een paar harde criteria, zoals financiën, verzuim en veiligheid.’

Vakinhoudelijke ontwikkeling

Voor de toekomst vindt Irma de vakinhoudelijke ontwikkeling van groot belang. ‘Als eigenaarschap zich meer ontwikkelt, zie je dat medewerkers vaker behoefte hebben hun vakinhoudelijke kennis uit te breiden. Maar dan knelt de tijd. Daar moet dus meer ruimte voor komen. Op het gebied van kennis en kunde is nog veel te doen, zeker als het gaat om het goed invullen van de unieke relatie tussen cliënt, naasten en professional. Elke cliënt vraagt immers om eigen oplossingen. En niet elke cliënt is even goed in staat te formuleren wat hij wil. Het is een vak om dit met tijd en aandacht te doen.’

Integraal concept

Irma besluit met een belangrijk verschil met Buurtzorg: ‘Buurtzorg is een nieuwe organisatie, opgebouwd vanaf nul. Andere organisaties die zelfsturing introduceren, starten vanuit hun oude hiërarchische structuur. Dat loslaten vraagt heel veel aandacht. Zelfsturing kan alleen slagen als het een integraal concept is. Als alles en iedereen betrokken is en meedoet, van raad van toezicht tot stafmedewerker.’ En bestuur en management moeten het goede voorbeeld geven. ‘Bij ZorgAccent hebben we heel veel sessies gehad, waarin we bespraken wat helpt en wat we vooral niet moesten doen. Vaak heb ik toen gedacht “wat is dit anders besturen!”. Zonder een moment te twijfelen overigens. Want mijn drijfveer is medewerkers hun vak terug te geven, waarvan ze veel te ver zijn vervreemd.’

Door: Ingrid Brons

Meer weten

Tags

In voor zorg! is een programma van het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, en Vilans, Kenniscentrum voor langdurige zorg