invoorzorg.nl gebruikt cookies om het gebruik van de website te analyseren en het gebruiksgemak te verbeteren. Lees meer over cookies.

Ondersteuning bij veranderingen in de langdurige zorg.

Zorgcoöperatie Noord brengt kleinere zorgorganisaties gezamenlijk in beeld

Gepubliceerd op: | Laatst gewijzigd op:

De kleinschalige zorgaanbieders in Noord Nederland werkten al samen om zich beter zichtbaar te kunnen maken voor de zorgbehoeftigen. Nu hebben ze een coöperatie opgericht om sterker te staan in de onderhandelingen met de gemeenten en zorgkantoren. De leden worden onderaannemers.

Zorgnetwerk Noord is opgericht in 2010 om het de gebruikers van langdurige zorg gemakkelijk te maken. De initiatiefnemers waren ervan overtuigd dat kleine zorgaanbieders meerwaarde hebben boven grote – ze zijn persoonlijker, wendbaarder en leveren vaak een uniek (deel)aanbod – maar de zorgbehoeftigen moeten hen wel weten te vinden. Eén loket creëren waarachter zij allemaal te vinden zijn moest dit vereenvoudigen, zo was de gedachte.

De transitie van de langdurige zorg naar de gemeenten die het huidige kabinet voorstaat was toen nog toekomstmuziek. ‘Dit beleidvoornemen begint steeds duidelijker invloed te krijgen op  de manier waarop wij ons gezamenlijk presenteren’, zegt medeoprichter Onno Hofstra. ‘In eerste instantie waren we er vooral op gericht mensen met zorgvragen door te verwijzen. Gaandeweg zijn we ons echter steeds meer gaan ontwikkelen tot belangenbehartiger van de kleine zorgaanbieders in het noorden van het land. Eén gevolg hiervan is dat we zijn gaan samenwerken met de Branchevereniging Kleinschalige Zorg. Een ander gevolg is dat we gegroeid zijn van tien naar 55 leden.’

Proactieve houding

Maar met Zorgnetwerk Noord konden gemeenten en zorgkantoren niet contracteren. ‘En die vervolgstap wilden we graag zetten toen de contouren van de transitie in de langdurige zorg duidelijk begonnen te worden’, zegt Hofstra. ‘We willen geen afwachtende houding aannemen en we willen voorkomen dat de gemeenten slechts contracteren met één of enkele grote aanbieders. Dus willen we als kleinschalige aanbieders gezamenlijk duidelijk in beeld zijn voor ze, en om dat te bewerkstelligen hebben we nu de Zorgcoöperatie Noord opgericht.

Onze leden kunnen hiervan onderaannemer worden, en wij kunnen dan als coöperatie de contractpartij zijn voor de gemeenten en de zorgkantoren. We merkten aan de manier waarop de gemeenten communiceerden over hun nieuwe rol dat dit nodig was. Hun houding was: we gaan echt niet met tientallen kleine aanbieders onderhandelen, die zullen hun krachten moeten bundelen willen ze bij ons in beeld blijven. De leden zien de noodzaak van bundeling en onderaannemerschap gelukkig ook in. Ze willen allemaal zorg blijven leveren aan hun cliënten. Ze leveren die zorg dan namens de coöperatie, en die neemt alle backoffice activiteiten en de contractering helemaal voor zijn rekening.’

Helder kwaliteitsbeleid

Leden van de coöperatie moeten wel aan kwaliteitseisen voldoen. ‘Feitelijk zijn dit de eisen die onder de Wet toelating zorginstellingen ook al aan hen worden gesteld’, legt Hofstra uit. ‘Ze moeten een gecertificeerd kwaliteitskeurmerk behalen, een kwaliteitsjaarverslag uitbrengen en een verklaring van gedrag kunnen overleggen. Ook moeten ze open staan voor interne audits vanuit de coöperatie. En als hoofdaannemer en contractpartij moet de coöperatie vanzelfsprekend aan deze zelfde eisen voldoen. De coöperatie is immers de hoofdaannemer en is dus ook de partij die door derden wordt aangesproken als zaken niet goed gaan.’

De coöperatie is in juni bij notaris opgericht en vanaf oktober kunnen de leden van Zorgnetwerk Noord zich ervoor inschrijven. ‘We hopen snel een fors aantal leden te krijgen’, zegt Hofstra, ‘om slagkracht te verwerven. En ik verwacht ook wel dat het aantal aanmeldingen groot zal zijn. Natuurlijk kunnen aanbieders altijd hun eigen overwegingen hebben om dit niet te doen, weg willen blijven van alle regels bijvoorbeeld. Maar wij denken dat voldoen aan kwaliteitseisen een voorwaarde wordt om te kunnen voortbestaan in deze veranderende markt. Dit geluid horen we ook van de gemeenten. Die verdelen publiek geld en moeten dus verantwoording afleggen over de vraag waaraan ze dit besteden.’

Kansen en onzekerheden

De leden van de Zorgcoöperatie Noord verwachten in de loop van volgend jaar zicht te hebben op het nut van hun inspanningen. ‘We verkeren in een periode van onzekerheid’, zegt Hofstra. ‘De gemeenten zeggen wel dat ze hun visie en beleid op het gebied van de langdurige zorg al voor 2014 klaar willen hebben, maar de feitelijke contractering zal toch echt pas in de loop van 2014 plaatsvinden. Noord Nederland telt een kleine 40 gemeenten en het is nog onduidelijk hoe die zich ten opzichte van elkaar zullen gaan verhouden in het nieuwe speelveld. Een deel ervan zal zeker gaan samenwerken en misschien betekent dit ook dat zij gezamenlijk gaan inkopen. Op dit moment ligt echter nog niets vast.’

Maar in moeilijke tijden moet je durven ondernemen, stelt Hofstra. De transitie naar de gemeenten biedt de zorgaanbieders ook kansen, vindt hij. ‘Ze kunnen zich bijvoorbeeld breder oriënteren dan met alleen dagbesteding. Natuurlijk versterken partijen die dit doen wel de onderlinge concurrentie. We zullen dus binnen de coöperatie duidelijke afspraken moeten maken over hoe we ons ten opzichte van elkaar gaan opstellen in de markt. En natuurlijk zullen we hierbij heel kritisch moeten kijken naar de vraag welke beperkingen de Nederlandse Mededingingsautoriteit hieraan stelt.’

Alternatief met meerwaarde

In ieder geval verwacht Hofstra dat de partijen die in de coöperatie verenigd zijn een goed alternatief kunnen vormen voor de grote zorgaanbieders. ‘Ik denk zelfs dat we meerwaarde hebben’, zegt hij. ‘Op uitvoeringsniveau zijn we kleinschalig en zijn we dus in staat cliënten persoonlijke aandacht te bieden. Iedere aanbieder in de coöperatie behoudt zijn eigen identiteit.’
De coöperatievorm is volgens de notaris die bij de oprichting betrokken was de beste rechtsvorm voor het samenwerkingsverband.

‘Die biedt in tegenstelling tot een vereniging de mogelijkheid om gezamenlijk de contractering aan te gaan’, legt Hofstra uit. ‘Bovendien heeft in een coöperatie ieder lid zijn eigen stem en zeggenschap.’ Op andere plaatsen in het land wordt met interesse naar het model gekeken. Hofstra: ‘Toevallig had ik laatst contact met de regio Nijmegen, waar grote belangstelling voor dit model bestaat. En ik hoop het op In voor zorg-bijeenkomsten aan heel veel andere kleine zorgaanbieders te kunnen uitleggen.’

Interview door Frank van Wijck

Meer weten

  • Mogelijkheden en beperkingen van kleinere aanbieders voor samenwerking
    Kleine aanbieders die willen gaan samenwerken, weten vaak niet goed welke mogelijkheden ze hiertoe hebben en welke beperkingen de mededingingswetgeving hen oplegt. Paul Trienekens, persvoorlichter van de Autoriteit Consument & Markt, biedt duidelijkheid op basis van 3 vragen die aansluiten bij de casus van Zorgnetwerk Noord.

Tags

In voor zorg! is een programma van het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, en Vilans, Kenniscentrum voor langdurige zorg