invoorzorg.nl gebruikt cookies om het gebruik van de website te analyseren en het gebruiksgemak te verbeteren. Lees meer over cookies.

Ondersteuning bij veranderingen in de langdurige zorg.

La Porta Vitale, AyganZorg en Thuiszorg de Versterking raken thuis in de toekomst

Gepubliceerd op: | Laatst gewijzigd op:

Kleine aanbieders in de thuiszorg profileren zich met de boodschap dat ze het ánders doen dan de gevestigde partijen. Ze staan dicht bij de cliënt en de werknemer en zijn hierdoor wendbaar in het inspelen op het veranderende overheidsbeleid voor de thuiszorg. Drie van zulke aanbieders vertellen hoe ze dit willen doen.

Persoonlijke aandacht

In de regio’s Delft, Eindhoven en Almere bestond natuurlijk al een thuiszorgaanbod. Toch besloten respectievelijk La Porta Vitale, AyganZorg en Thuiszorg de Versterking om in deze regio’s aan de slag te gaan. Ze wilden iets nieuws bieden. ‘Ik had uit onderzoek geleerd dat de oudere thuiszorgcliënten in de regio Delft persoonlijke aandacht en eigen regie misten’, vertelt Ingrid van Bilsen van La Porta Vitale. ‘Zo kwamen wij op ons concept om zorgbezoeken van anderhalf uur ook tijd uit te trekken voor persoonlijke aandacht en coaching van cliënten.’

Nuray Uysal-Aygan van AyganZorg heeft een ander verhaal. ‘De thuiszorg die hier was, was niet gericht op omgaan met anderstaligen. Wij werken vooral voor mensen met een Turkse of Marokkaanse achtergrond, maar ook wel andere nationaliteiten. Zij hebben hun eigen cultuur en daarmee moet je in dit werk rekening houden. Laatst bijvoorbeeld overleed een van onze cliënten. Wij hebben toen mee afscheid genomen volgens de cultuur, de normen en het geloof van die familie. Dat is iets heel moois. En de medewerkers herkennen dit ook, het is immers hun eigen cultuur.’

Tania Cameron van de Versterking zegt: ‘Bij ons zit het vooral in de persoonlijke benadering. De medewerkers die bij onze cliënten thuis komen, doen niet alleen het werk dat op hun lijstje staat. Ze nemen ook de tijd om te kijken wat verder nodig is. Ze hebben aandacht voor de mensen en ze helpen op deze manier om problemen voor te blijven.’

Keuzes maken

De 3 organisaties hadden elkaar waarschijnlijk nooit leren kennen als ze niet hadden deelgenomen aan een coachingsleergang van In voor zorg!, bedoeld om hun persoonlijke groei en vaardigheden als bestuurders te stimuleren en meer inzicht te krijgen in de markt waarin ze actief zijn. Ieder op hun eigen manier, want de Versterking is hoofdaannemer, AyganZorg is een samenwerkende organisatie en La Porta Vitale werkt met het Persoonlijk Gebonden Budget (PGB).

Cameron: ‘De zorg verandert door de voorgenomen bezuinigingen. Dat dwingt ons om keuzes te maken terwijl je al een bepaalde weg was ingeslagen. De zorg die we nu bieden, proberen we bij de overgang van de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten (AWBZ) naar de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) te behouden. Hiervoor gaan we het gesprek aan met de gemeenten. En dat is een intensief traject voor ons, want we zijn niet alleen actief in Almere, maar ook in het Gooi en Amsterdam, en iedere gemeente heeft zijn eigen manier om met de transitie om te gaan.

Maar we zijn straks nu eenmaal afhankelijk van de vraag of ze wel of niet met ons willen samenwerken. En daarbij zijn wij als hoofdaannemer ook nog verantwoordelijk voor de kwaliteit van de onderaannemers met wie we samenwerken. Maar misschien zijn we straks wel ineens onderaannemer. We kijken dus naar de vraag met welke partijen we onze krachten kunnen bundelen. Al met al is het een onzekere situatie. We merken ook dat bij de gemeenten veel onduidelijkheid bestaat over wat precies op hen gaat afkomen. Ze weten nog niet waar ze aan toe zijn en de tijd dringt. Daarom zetten we tegelijkertijd ook in op risicospreiding, door de mogelijkheden te onderzoeken om de particuliere markt te betreden. Er is vraag naar.’

Zichtbaarheid vergroten

Voor Aygan is duidelijk dat de tijd van alles aanpakken voorbij is. Ook voor haar staat keuzes maken nu op de voorgrond. ‘Dit betekent dat je soms ook bewust de keus maakt om iets niet te doen’, zegt ze. ‘De particuliere markt betreden bijvoorbeeld. Die redt zich wel, wij zijn er juist voor de kwetsbare ouderen. Maar net als voor Tania Cameron geldt ook voor ons dat we zichtbaar moeten worden, bij gemeenten, welzijnsorganisaties, transferpunten, noem maar op. Soms leidt dit tot verraste reacties in de zin van “We wisten eigenlijk nauwelijks dat jullie bestonden”. Hoog tijd dus om ons te profileren. Maar we horen ook reacties als: “We worden overspoeld met aanvragen voor gesprekken, nu even niet”. En dat is natuurlijk lastig. Toch verwacht ik dat het overheidsbeleid ons uiteindelijk meer in de hand zal werken dan dat het ons zal hinderen.

Wij zijn immers flexibel en klein en we staan dichtbij de cliënt en de medewerkers. Hierdoor kunnen wij de transitie veel gemakkelijker vorm geven dan grotere organisaties. Ik denk dan ook dat onze vooruitzichten goed zijn, omdat we al veel contacten hebben met de gemeenten en omdat we ons behalve zorg ook op welzijn richten. We worden nu bijvoorbeeld al gevraagd voor projectdeelname in de Eindhovense wijk Tongeren, waar de gemeente een wijkgerichte aanpak voorstaat om de sociale cohesie te versterken. Ook het feit dat wij een samenwerkende organisatie zijn – onderaannemer vind ik niet het juiste woord – is in ons voordeel: samenwerking maakt alle betrokken partners sterker. Onze expertise in zorg voor anderstaligen is ook nuttig voor andere aanbieders, want die kennis hebben ze zelf niet in huis.’

Trendsetter zijn

Voor La Porta Vitale is de komende periode spannend, stelt Van Bilsen. ‘Wij zijn een van de 27 PGB-ondernemingen die gecertificeerd zijn door het Keurmerkinstituut’, vertelt ze. ‘De trendsetters zijn juist de kleinschalige zorgondernemingen met mooie en betaalbare zorgoplossingen, dus wat dat betreft denk ik dat wij aan de goede kant zitten. Maar we moeten realistisch zijn. Als de gemeenten ons geen level playing field bieden, is het niet uitgesloten dat we in een positie van onderaannemerschap terechtkomen. Het hangt er maar net vanaf in hoeverre gemeenten mensen toegang gaan geven tot de zorg. Aan de bestuurstafels van gemeenten hoor ik vaak zeggen dat ze het PGB in stand zullen houden. In dit licht is het interessant om met gelijkgestemden een alliantie op te zetten voor kwetsbare ouderen. Ik zie daar veel in. Maar aan de andere kant hoor ik ook wel de waarschuwing dat we ons maar beter op de particuliere markt kunnen gaan richten. Daarin zijn we op bescheiden schaal ook al actief. We hebben nu al werk op de grens van zorg en welzijn voor ouderen, waarvoor we door hun kinderen worden ingehuurd. Die markt zal groter worden en daarin bouwen wij nu dus al ervaring op.

Verder zorgen we ervoor dat we in beeld blijven bij alle relevante partijen en onze kennis blijven delen. Bijvoorbeeld door een minimumsymposium te organiseren over het gezondheidskapitaal dat mensen opbouwen door in beweging te blijven en te sporten. En door meer aan marketing te doen: positieve recensies over ons werk van cliënten en familieleden inzetten. Het zou goed zijn als we eens een keer een cliënt mogen meebrengen bij een gesprek met een gemeente, zodat die zijn eigen verhaal kan vertellen.’

Wordt vervolgd

De 3 thuiszorgaanbieders blijven elkaar volgen, omdat ze ervan overtuigd zijn dat ze veel van elkaar kunnen leren. Ze herkennen in elkaar de passie om het anders te doen, maar ze erkennen ook hun onderlinge verschillen op het gebied van doelgroepen en financieringsvormen. En ze zijn er alle drie van overtuigd dat ze over drie jaar de transitie succesvol doorstaan hebben. Later dit jaar praten we verder, om een meer concreet beeld te krijgen van hoe ze hierop voorsorteren en wat hun cliënten daarvan merken.

Interview door Frank van Wijck 

Dossier(s)

In voor zorg! is een programma van het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, en Vilans, Kenniscentrum voor langdurige zorg