invoorzorg.nl gebruikt cookies om het gebruik van de website te analyseren en het gebruiksgemak te verbeteren. Lees meer over cookies.

Ondersteuning bij veranderingen in de langdurige zorg.

Dossier Schuilenburg: Medewerkers zoeken elkaar op

Gepubliceerd op: | Laatst gewijzigd op:

Je zou het niet zeggen, maar medewerkers Lyan Schutte en Astrid Alferink kennen elkaar nog maar een paar weken. Ze praten alsof ze al jarenlang collega’s zijn. Lyan werkte ruim 4 jaar bij De Parabool locatie De Groenling. De 28 bewoners met een verstandelijke beperking die daar woonden, zijn nu verhuisd naar Schuilenburg. Lyan werkt nu bij 14 van deze mensen. Astrid werkte al 25 jaar bij Zorggroep Raalte op locatie Maria-Oord, een verzorgingshuis. Op de afdeling binnen Schuilenburg waar zij nu werkt, wonen ook 6 van die voormalige Groenling-bewoners en 6 PG-bewoners. ‘Een unieke combinatie’, zegt ze, ‘ik vond het heel bijzonder dat dit ontstond. In Schuilenburg zit een enorme uitdaging. Niet alleen vanwege de diversiteit aan mensen die hier wonen, maar ook omdat het de bedoeling is dat wij binnen 2 jaar als zelfsturende teams gaan functioneren.’

Meer overeenkomsten dan verschillen

Lyan zag in de samenwerking een mooie uitdaging:  ‘Medewerkers van zorggroep Raalte hebben meer ervaring in de omgang met cliënten die ouderdomsproblemen hebben zoals dementie. En ik zie toch vooral dat de overeenkomsten tussen alle bewoners veel groter zijn dan de verschillen. De zorgvraag maakt niet zo heel veel uit, de kern is dat mensen zich prettig voelen en dit als hun thuis ervaren. Dit sluit aan bij onze gezamenlijke visie. Maar toch merk ik dat het niet voor iedereen vanzelfsprekend is hoe het hier gaat met het samen leven van deze mensen. Onze doelgroep – mensen met een verstandelijke beperking – werd vroeger weggestopt, en nu gaan zij gewoon wonen in een woning met andere mensen. Zo hoort het ook, vind ik.’

En er is een prettige bijkomstigheid, zegt Astrid: ‘De familie voelt zich hier ook erg betrokken. Mensen zijn dus sneller bereid om mee te doen. Ze willen best voor hun naaste blijven zorgen, als maar sprake is van gedeelde verantwoordelijkheid.’

Spannende verhuizing

De meerwaarde van de verhuizing naar Schuilenburg is enorm groot, stellen beiden. Lyan: ‘In de oude situatie moesten bewoners alles delen: woonkamer, badkamer, tv, zelfs het bestek. De bewoners vonden dit meestal prima, wisten niet anders, en accepteerden dat dus. Ze vroegen ook niet om iets voor zichzelf. Maar de voorzieningen voor deze mensen in De Groenling waren niet meer van deze tijd. De verhuizing was echter wel een spannende tijd voor hen. Sommigen gingen iedere dag naar de bouw van Schuilenburg kijken. Eén bewoner had al weken van tevoren heel veel van zijn spullen ingepakt. Bij de verhuizing zelf wilden ze allemaal betrokken zijn.’

Ook voor de bewoners van Maria-Oord was de verhuizing een spannende en soms moeilijke tijd. ‘Wij hebben een verhuisbedrijf ingeschakeld en de familie heeft samen met de bewoners ingepakt’, vertelt Astrid. ‘Voor de bewoners hebben we een uitstapje geregeld en bij terugkomst daarvan hebben we in de nieuwe locatie allemaal samen stamppot gegeten. Daarna zijn alle bewoners met hun familie en medewerkers naar hun nieuwe woonruimte gegaan.’

Mensen voelen zich geborgen

De eerste geluiden van de bewoners over hun nieuwe onderkomen zijn positief. ‘Eén bewoner zei me dat hij zich nog nooit zo goed heeft gevoeld’, zegt Lyan. ‘Hij kan zich in zijn eigen ruimte terugtrekken en als hij dat wil en hoeft hij alleen mee te doen als hij daar zin in heeft. De teams zijn kleiner, dus de bewoners hebben minder medewerkers om zich heen.’ Door die kleinschaligheid voelen mensen zich geborgen, vult Astrid aan. ‘Dit merk ik ook duidelijk op de PG-afdeling. Ze kunnen ervoor kiezen in hun eigen appartement te verblijven of naar de ontmoetingsruimte te gaan. De autistische jongeren bijvoorbeeld met wie ik te maken heb, die op de eerste verdieping wonen, vinden een eigen plek heel belangrijk maar de mogelijkheid van ontmoeting met anderen ook.’

Mensen wennen dus snel, maar moeten wel toch ook een nieuwe balans vinden. ‘Ik merk bijvoorbeeld dat er bewoners zijn die heel weinig hulp vragen’, zegt Lyan. ‘Bij zo iemand moet je echt op bezoek gaan om te vragen hoe het met ze is. Zegt zo iemand dan “goed” dan ben je in feite uitgepraat. Maar je wilt tegelijkertijd ook voorkomen dat mensen zich eenzaam gaan voelen. Daarin moeten we wel een nieuwe balans vinden.’

De meerwaarde van kleinschaligheid

Zelf vinden Lyan en Astrid de kleinschaligheid een verademing. ‘Je kunt makkelijker op elkaar inspelen’, zegt Lyan. Astrid vult aan: ‘En je kunt elkaar leren kennen. De medewerkers van Zorggroep Raalte die mee gingen naar Schuilenburg, waren allemaal mensen die voor de uitdaging kozen. Er was meteen een klik. We worden nu al echt een team, er is al één Schuilenburg aan het ontstaan. We hebben in de voorfase ook veel inspraak gehad over hoe we het werk willen invullen. Invallen bij elkaar bijvoorbeeld, van elkaar leren. De ruimte om dat te doen is er.’

Het hele team ging als vanzelfsprekend met de bewoners mee verhuizen naar Schuilenburg zegt Lyan. ‘De medewerkers hebben een groot verantwoordelijkheidsgevoel.’  De ontwikkeling naar zelfsturende teams past daarbij, vindt ze. Astrid vult hierop aan: ‘We werkten al vrij zelfstandig, maar in de oude setting was de neiging toch groter om naar de managers te kijken. Hier in Schuilenburg hebben we nu al veel meer het idee: we runnen samen de tent.’ Of coachend manager Susan Rijks erin slaagt om het doel binnen twee jaar tot zelfsturende teams te komen,  zal de tijd moeten uitwijzen. ‘We zullen vast nog wel eens zeggen: kijk even mee’, zegt Lyan, ‘maar we doen al veel zelf.’

Dossier Schuilenburg

Deze interviews maken deel uit van een reeks interviews over Schuilenburg. Lees ook de andere interviews:

Meer weten

Tags

In voor zorg-deelnemer

In voor zorg! is een programma van het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, en Vilans, Kenniscentrum voor langdurige zorg