invoorzorg.nl gebruikt cookies om het gebruik van de website te analyseren en het gebruiksgemak te verbeteren. Lees meer over cookies.

Ondersteuning bij veranderingen in de langdurige zorg.

Rode Kruis wil er zijn voor kwetsbare mensen

Gepubliceerd op:

Gelukkig komen rampen in Nederland weinig voor, maar om toch voorbereid te zijn voor als een ramp zich voordoet, wil het Rode Kruis mensen voorbereiden op kleinere noodsituaties (in en om het huis). Kwetsbare personen wil het helpen weerbaarder te zijn in hun thuissituatie. Daarbij sluit het Rode Kruis aan op de nieuwe Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo). Dit jaar zijn er in het hele land activiteiten gestart die, met name kwetsbare personen, helpen bij het vergroten van risicobewust zijn, het leren van vaardigheden en het opbouwen van een netwerk waar zij hulp aan kunnen vragen ten tijde van een noodsituatie..

‘Het is goed om andere mensen te kunnen helpen’, vindt Jan Roos. ‘Bovendien kan ik er slecht tegen als ik zie hoe mensen in problemen verkeren zonder dat iemand iets voor ze doet.’ Roos hoefde dan ook niet lang na te denken toen hij in 2006, zo rond het eind van zijn arbeidzame leven, via de kerk werd benaderd met de vraag of hij vrijwilligerswerk wilde gaan doen voor het Rode Kruis bij de afdeling Schoonhoven en omstreken. ‘In 2011 zag ik dat niet werd gereageerd op een vraag vanuit de organisatie naar een coördinator hitteplan’, vertelt hij, ‘dus belde ik maar.’ Het gevolg is dat hij met de in zijn woonregio actieve Stichting Welzijn en Ondersteuning Schoonhoven (SWOS) voorlichtingsdagen ging organiseren.

Voorlichtingsdagen ouderen en hitte

‘Je moet mensen erop wijzen dat ze voldoende moeten drinken als er een hittegolf is’, zegt hij. ‘In 2006 was sprake geweest van een verhoogde sterfte door hitte, 75-plussers staan er onvoldoende bij stil dat de werking van hun interne thermometer afneemt. Ze hebben dan geen besef meer van hoe warm het eigenlijk is en hoe belangrijk het dus is hun vochtbalans op peil te houden. Ook moeten ze niet de hitte opzoeken, en op het heetst van de dag moeten ze hun inspanning verminderen.’ Behalve deze voorlichting benadrukt Roos ook bij ouderen het belang van sociale controle bij een hitteperiode. ’Regelmatig kijken hoe het met de buurman of -vrouw gaat’, zegt hij, ‘dat doen wij als vrijwilligers samen met de SWOS ook.’

Aan huis

Dit verhaal illustreert heel mooi wat het Rode Kruis wil bereiken met het project Rode Kruis aan Huis, dat het nu aan het vormgeven is. Coördinator van dit project Marleen van Kraay vertelt: ‘We zijn hiervoor een pilot aan het opzetten in Amsterdam met als basis de gedachte dat de meeste ongelukken in en om het huis gebeuren. De opzet is dat we vrijwilligers op huisbezoek laten gaan bij mensen die verminderd zelfredzaam zijn. Dit zijn niet alleen ouderen, maar ook licht verstandelijk beperkten, of mensen die er vanwege een scheiding ineens alleen voorstaan met de kinderen. Tijdens het eerste bezoek maken ze kennis met zo iemand en kijken ze welke hulp mogelijk nodig zou kunnen zijn. Het tweede bezoek is voor een inventarisatie. De vrijwilliger kijkt hier samen met de betrokkene aan de hand van een checklist naar de veiligheid in en om het huis en naar de mogelijkheden om een netwerk voor die veiligheid te creëren. Hierbij kan bijvoorbeeld de vraag aan de orde komen of de buren wel weten dat iemand moeilijk ter been is. Een derde bezoek tenslotte is bedoeld als evaluatie van wat de betrokkene heeft gedaan met het advies dat de vrijwilliger heeft gegeven.’

Rol pakken

Marije van Velzen, hoofd Zelfredzaamheid bij het Rode Kruis, belicht de achtergrond waartegen deze activiteiten tot stand zijn gekomen. ‘Het Rode Kruis is een noodhulporganisatie’, vertelt ze, ‘en die rol willen we binnen Nederland ook pakken waar dit nodig is. Om dit te kunnen doen, moeten we in de haarvaten van de samenleving zitten, de mensen in de wijk moeten ons weten te vinden ten tijde van een noodsituatie of ramp en wij hen ook, zodat we hulp kunnen bieden. We zien hoe belangrijk een wijkgerichte aanpak daarbij is. En het mooie is dat dit nauw aansluit bij de transitie van de langdurige zorg.  Als de nieuwe Wmo een feit is, is er voor een aantal kwetsbare mensen geen zorg meer, of in ieder geval minder zorg. Als Rode Kruis willen we deze mensen helpen met vergroten van hun zelfredzaamheid en mensen weer in hun kracht te zetten. Dat doen wij door hen te helpen bij het versterken van (EHBO)vaardigheden, het vergroten van  risicobewustzijn en het helpen bij het opbouwen van een netwerk waaraan hulp gevraagd kan worden ten tijde van nood. Daarbij is het leveren van maatwerk belangrijk. Bijvoorbeeld bij Rode Kruis aan Huis kijken we samen met de bewoner of de situatie in huis veilig is. Mocht de bewoner aanvullende hulp nodig hebben, dan gaan we op zoek of een andere organisatie deze hulp kan bieden. Maatwerk dus. Niet door zelf hulp of oplossingen te gaan aanbieden. We nemen dus beslist niet de rol van de wijkverpleegkundige over, we willen juist samenwerken met de bestaande partijen.’

Het netwerk versterken

De hulp van het Rode Kruis biedt duurzame oplossingen. Bijvoorbeeld bij de cursus “Sterk door je Netwerk” leren mensen een netwerk op te bouwen en hulp te vragen. Van Velzen: ‘We gaan dus niet meer iedere week koffie bij iemand drinken die eenzaam is, dat is niet onze rol, maar we laten die persoon zelf een netwerk opbouwen. In de contactcirkels van het Rode Kruis bellen mensen elkaar iedere dag even om te vragen of het goed gaat en om informatie uit te wisselen bij een calamiteit of bij grote hitte om aan elkaar door te geven dat iedereen genoeg moet drinken.
Om dit te kunnen realiseren, willen we aansluiten bij de bestaande structuren dus ook de sociale wijkteams. Zo kunnen we samen de sociale kaart van een wijk in kaart brengen en daarop de acties afstemmen. We willen ook samenwerken met de lokale zorgaanbieders, bijvoorbeeld in het aanbieden van een cursus aan mensen die vanuit een intramurale setting weer naar zelfstandig wonen gaan.’

Coachen en signaleren

Van Velzen benadrukt nogmaals dat het niet de bedoeling is de vrijwilligers van het Rode Kruis alle zorg op zich nemen als ze zien dat iemand meer hulp nodig heeft dan de hulp die het Rode Kruis biedt. ‘We gaan dan op zoek naar een organisatie die deze hulp wel kan bieden en we zorgen ervoor dat die persoon in contact komt met de organisatie als dat gewenst is’, zegt ze.
Vrijwilligers vindt Kraay in haar regio bijvoorbeeld via de Vrijwilligerscentrale Amsterdam: ‘We doen een uitgebreid intakegesprek met deze mensen en we vragen ook altijd naar een verklaring omtrent goed gedrag’, vertelt ze. ‘Bovendien organiseren we een informatie-ochtend waarop we ingaan op de inhoud van het vrijwilligerswerk en de vrijwilligers helpen weerbaar te worden tegen mensen die nog overtuigd moeten worden van het belang van een gesprek. Het is belangrijk dat vrijwilligers beseffen dat ze vooral een coachende rol hebben, maar ook een signalerende functie.’

Het Rode Kruis wil eind dit jaar van start gaan met “Rode Kruis aan Huis”, om te beginnen in Amsterdam Zuid, Zuidoost en Diemen. ‘Zuidoost is al een stad op zich’, zegt ze, ‘en de vraag hoe grootschalig de start kan zijn, hangt af van de hoeveelheid deelnemende vrijwilligers. Maar ik geloof erg in dit project.’

Interview door Frank van Wijck.

Dossier(s)

Tags

In voor zorg! is een programma van het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, en Vilans, Kenniscentrum voor langdurige zorg