invoorzorg.nl gebruikt cookies om het gebruik van de website te analyseren en het gebruiksgemak te verbeteren. Lees meer over cookies.

Ondersteuning bij veranderingen in de langdurige zorg.

Dagbesteding in Vlijmen wil zorgen voor verbinding in de woonomgeving

Gepubliceerd op: | Laatst gewijzigd op:

In het voorjaar van 2016 hebben lokale partners in de sector zorg en welzijn in Vlijmen in samenwerking met vrijwilligers uit de wijk een alternatieve vorm van dagbesteding opgezet. Het gaat om een informele dagbesteding, in de ontmoetingsruimte van het centraal gelegen sportcentrum  Die Heygrave . Iedereen is er welkom om binnen te lopen, of hij nu iets komt halen of brengen.
 
De Vlijmense huiskamer-variant van dagbesteding, is een voortvloeisel van de decentralisaties (de substitutie van Rijksoverheidstaken naar de gemeenten) per 1 januari 2015. ‘De gemeente Heusden – waaronder Vlijmen bestuurlijk valt – wilde niet alleen bezuinigen op de uitgaven voor dagbesteding, maar had ook de visie dat het mogelijk moest zijn om de participatie voor de doelgroepen voor de dagbesteding te vergroten’, zegt Nicole Hendriks, projectleider van het In voor zorg!-project “Cirkels van het gewone leven” en betrokken bij het  opzetten van de  alternatieve daginvulling voor inwoners in Vlijmen. Het streven is dat door dit initiatief op termijn mensen minder snel op basis van een indicatie naar het bestaande aanbod voor dagbesteding hoeven.

Acht organisaties zijn betrokken bij de ontwikkeling: ContourdeTwern, MEE, Juvans en de GGD  (samen onderdeel van BIJEEN),Thebe, RIBW Brabant, Prisma en Schakelring,. Een aantal daarvan bood al geïndiceerde dagbesteding aan specifieke doelgroepen. Het is de bedoeling dat die blijft bestaan voor mensen die zwaardere zorg en begeleiding nodig hebben. ‘Maar er zijn genoeg mensen voor wie zo’n geïndiceerde voorziening echt nog niet nodig is en voor wie deze lichtere vorm toch zorgt voor meer welbevinden en aansluiting bij het sociale leven in hun eigen woonomgeving’, zegt Hendriks. ‘Daarom wilden we die los van de acht organisaties opzetten, zo gewoon, dichtbij en laagdrempelig mogelijk.’

De inwoner centraal

Het mooie is dat die acht organisaties geen van alle hun stempel drukken op het initiatief, maar wel allemaal vanuit hun eigen discipline kennis en expertise inbrengen, stelt Marieke Kouwenberg, wijkverpleegkundige bij Thebe. ‘Soms komen twee van die acht partijen bij één cliënt zonder dit van elkaar te weten’, zegt ze, ‘daaraan kunnen we nu wat doen. Niet door elkaar te beconcurreren, maar door de inwoner centraal te stellen.’

De samenwerking begon met kennismaking. ‘Gewoon bij elkaar gaan zitten met zijn allen en brainstormen’, zegt Kouwenberg. ‘Voor Thebe werd de voorliggende vraag meteen heel concreet omdat een van de locaties voor dagbesteding, voor senioren met een indicatie hiervoor, dicht moest. In gesprek met de manager van sportcentrum De Heygrave, dat midden in Vlijmen ligt en daarom erg geschikt voor zo’n inloopfunctie bleek dat we  meteen een klik hadden. Hij had dezelfde missie als wij: een laagdrempelige voorziening bieden voor iedereen in de wijk. Hij had bijvoorbeeld al aan een vrouw in de buurt, die thuis niet kon douchen, aangeboden: kom dat dan hier doen, alle voorzieningen zijn er. Het gebouw heeft zoveel faciliteiten. Er zijn geen drempels, er is een invalidentoilet en een keuken en het had al een buurtfunctie voor schoolzwemmen, sportclubs en zwemmen voor mensen met kanker. Eigenlijk precies wat we zochten.’

Gezellig en laagdrempelig

Zo waren de mensen die tot dan toe de geïndiceerde dagbesteding van Thebe bezochten weer verzekerd van een plek. ‘Een paar van hen tenminste’, zegt medewerker Marie-Therese Elshout van Thebe, die als activiteitenbegeleider betrokken is bij de locatie. ‘Sommigen hadden teveel zorg nodig om van deze voorziening gebruik te kunnen maken. En in andere gevallen hadden familieleden al een ander alternatief gevonden, omdat ze de continuïteit van de daginvulling voor hun naaste wilden veiligstellen. Maar degenen die wel overgingen naar hier, waren meteen enthousiast. Zelfs de oudste, inmiddels 95 jaar, zei meteen: “Wat is het hier gezellig hè”. Begrijpelijk, want het is hier echt laagdrempeliger. Inmiddels maken we al mee dat iemand gewoon binnenloopt met: “Ik heb gehoord dat dit er is, ik kom eens kijken”. Precies zoals het bedoeld is.’

De informele dagbesteding is niet alleen bedoeld voor de kleine groep die de dagbesteding van Thebe bezocht. In de plannen was een bredere doelgroep geformuleerd: Die Heygrave is er voor iedereen die behoefte heeft aan een vorm van daginvulling, ontmoeting en structuur in de dag. ‘Het groeide wel, maar de start had toch een beetje een trend gezet: ouderen brengen ouderen mee’, zegt Kouwenberg. ‘Langzamerhand wordt de variatie van deelnemers groter en ook de nieuwe aanwas van vrijwilligers zorgt voor een andere dynamiek. Dat betekent niet dat we klaar zijn.’ Hendriks: ‘De plannen om mensen met een verstandelijke beperking voor wie nu dagbesteding in Waalwijk bestaat hier naartoe kunnen, zijn tot op heden nog niet verwezenlijkt. De contacten om dit voor elkaar te krijgen zijn wel ook al gelegd, maar het moet dus nog tot stand komen.’

Het is de bedoeling dat in andere kernen van de gemeente soortgelijke laagdrempelige initiatieven ontstaan. Het doel is hetzelfde, de weg ernaartoe verschilt per situatie: In Drunen en Oudheusden is bijvoorbeeld gekozen om eerst netwerkbijeenkomsten te organiseren om te zorgen dat partijen elkaar leren kennen en in kaart te brengen wat er allemaal is aan activiteiten. In Nieuwkuijk hebben de uitbaters van het Thomashuis het, in samenwerking met de wijk, op zich genomen om het Patronaat te gaan beheren en de ontmoetingsfunctie uit te bouwen. Hendriks: ‘Het is mooi om te zien, wat er gebeurt als je die kerken, moskeeën , organisaties en verenigingen bij elkaar zet. Dan hoor je: “O, doen jullie dat ook” als ze allemaal vertellen wat ze doen. Op deze manier ontstaat een concreet beeld van wat er is, wat nog nodig is om te zorgen dat mensen kunnen meedoen en wie een rol kan spelen om dat in te vullen.’

Zorgen voor bekendheid

Ook op andere fronten worden stappen gezet om meer mensen naar de nieuwe vorm van daginvulling te leiden.  Een eerste bijeenkomst voor verwijzers, om te vertellen wat er op de Heygrave gebeurt, heeft inmiddels plaatsgevonden. Want zoals Kouwenberg het zegt: ‘Als je de praktijkondersteuners mee hebt, heb je de huisartsen ook. Ze vervolgt: ‘Verder zijn we in gesprek met de aanbieders van het Thomashuis, een setting voor mensen met een verstandelijke beperking, in Nieuwkuijk. Tegelijkertijd willen we het ook natuurlijk laten ontstaan. We zien inmiddels al dat meerdere mensen spontaan komen binnenlopen en ook vrijwilligers beginnen zich te melden. Al vraag ik mij af of in dit verband het woord vrijwilligers op zijn plaats is. Ook dit zijn mensen die een zinvolle invulling van hun dag zoeken. Iedereen die hier binnenloopt komt iets halen en brengen.’

De drie verwachten dat gaandeweg ook meer contacten binnen de locatie zelf zullen ontstaan, al gaat dat nog niet altijd spontaan. Elshout vertelt: ‘Het is nog niet altijd makkelijk om mensen mee te krijgen. Ik heb aan mensen van een sportvereniging die hier komt al eens gevraagd of onze bezoekers eens mogen komen mee sporten. Maar dat blijkt dan toch nog moeilijk te liggen. “Onze sporters kennen elkaar”, krijg ik dan te horen. Dat soort processen moet je de tijd gunnen.’ Je moet het niet forceren, vindt Kouwenberg ook. ‘Uiteindelijk zien mensen de meerwaarde wel’, zegt ze. ‘Het is gezelliger hier dan in een kleedkamer denk ik.’

Groeiproces

Die Heygrave staat open voor alle doelgroepen, maar het is geen doel op zich om vanuit alle acht organisaties die aan het project deelnemen mensen binnen te krijgen. ‘We nemen het in ons werk mee als mogelijkheid’, zegt Hendriks. ‘De boodschap is: “Kom gewoon eens kijken”. Het is een groeiproces en misschien is er op bepaalde fronten nog wel een gevoelsmatige drempel op dit moment. Bijvoorbeeld om te accepteren dat ook mensen met een verstandelijke beperking hier komen voor hun dagbesteding. Inmiddels hebben we al een groep van ongeveer dertig terugkerende bezoekers.

Elshout vult aan: ‘Soms is er sprake van drempelvrees, maar die blijkt vaak onnodig, ik merk dat ook aan mezelf. Een tijdje geleden kregen we hier voor het eerst een blinde vrouw op bezoek. Ik had nog nooit met blinden gewerkt dus vond ik dat onwennig. Maar het ging vanaf het begin goed, het ligt eraan hoe je er als begeleider in staat. Ik voelde me veilig door de betrokkenheid vanuit de organisaties, je weet wie je kunt bellen als het nodig is.’

Gevolgen voor bestaand aanbod

Kouwenberg zegt wel dat de groei van het aantal mensen dat de nieuwe locatie weet te vinden uiteindelijk gevolgen zal hebben voor de bestaande aanbieders van dagbesteding. ‘Die aanbieders proberen natuurlijk ook mensen binnen te krijgen’, zegt ze. ‘In dat licht kan ik mij voorstellen dat ze ons als concurrent zien, maar dat zijn we natuurlijk niet. Er is zoveel behoefte aan dagbesteding dat er voldoende ruimte is voor alle partijen.’ Hendriks vult aan: ‘Het is een kwestie van visie, en van de overtuiging die bij bestuurders moet postvatten dat dit de kant is die we als maatschappij op moeten. Natuurlijk hebben ze specialistische expertise in huis, maar met de toenemende zorgzwaarte hebben ze er hun handen vol aan die in te zetten voor de mensen die het écht nodig hebben.’
Kouwenberg zegt te verwachten dat op termijn alleen nog mensen met een hogere zorgzwaarte bij de formele aanbieders terecht zullen komen, niet meer de mensen met een sociale indicatie. ‘Dat is ook hoe het beleid bedoeld is’, zegt ze. ‘Je ziet ook dat het gaandeweg beter gaat met de mensen die hier komen. Ik merk dat ook als ik bij ze thuis kom. Ze hebben minder zorg nodig, ze worden geprikkeld.‘

Meer weten

Dossier(s)

In voor zorg-deelnemer

In voor zorg! is een programma van het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, en Vilans, Kenniscentrum voor langdurige zorg