invoorzorg.nl gebruikt cookies om het gebruik van de website te analyseren en het gebruiksgemak te verbeteren. Lees meer over cookies.

Ondersteuning bij veranderingen in de langdurige zorg.

Verslag: Workshop relatie wijkverpleegkundige en sociaal wijkteam

Gepubliceerd op: | Laatst gewijzigd op:

In opdracht van ZonMw voerde Marjan Hoeijmakers een verkenning uit naar de manier waarop sociale wijkteams en wijkverpleegkundigen samenwerken. Lokaal blijken namelijk grote verschillen te bestaan. Een belangrijke conclusie van de verkenning is dat deze verschillen wenselijk zijn. De samenwerking moet immers rondom de vraag van de burger worden ingericht. In de workshop lichtte Marjan haar bevindingen toe. Vervolgens gingen de deelnemers zelf aan de slag met de 7 gesprekspunten die kunnen helpen bij het maken van lokale afwegingen en beslissingen.

Dynamische context

Voor de verkenning sprak Marjan met burgers en cliënten, beleidsmedewerkers bij gemeenten, wijkverpleegkundigen, managers van thuiszorgorganisaties en uit het sociale domein, een huisarts en vertegenwoordigers van drie landelijke organisaties. Als eerste kwam daaruit de dynamische context naar voren. Er komen grote stelselhervormingen aan. Met de focus op eigen regie, zelfredzaamheid en zelfmanagement van de burger en de cliënt, en op eigen regie en regelruimte voor professionals. Tegelijkertijd zijn er de bestaande productie-eisen, is er sprake van schaarste en hebben veel cliënten nog de ‘oude’ mindset van recht op hulp en voorzieningen.

Integraal

Uitgangspunt van de hervormingen is dat zorg en maatschappelijke dienstverlening onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn. Goede ondersteuning van mensen vraagt daarom een integrale benadering van gezondheidszorg en maatschappelijke zorg. De regie op basiszorg en maatschappelijke ondersteuning in de wijk komt nadrukkelijk in handen van zorgverzekeraar en gemeente samen. Zij moeten afspraken met elkaar maken over de lokale uitwerking. Dat geldt ook voor professionals zelf en hun organisaties. Op lokaal niveau zijn sociale wijkteams het dominante organisatorische middel. De wijkverpleegkundige wordt algemeen gezien als de verbindende schakel tussen het medische- en zorgdomein en het sociale domein.

In beweging

Marjan ziet twee werkvelden die enorm in beweging zijn: de ontwikkeling van de sociale wijkteams en de verpleegkundige wijkzorg. De sociale wijkteams worden wel gezien als dé oplossing voor de drie decentralisaties. Vorm en werkwijze variëren. Er is geen blauwdruk (mogelijk) voor sociale wijkteams, maar toch wordt gepleit voor een aantal kernprofessionals met daaromheen een schil. Of de wijkverpleegkundige tot de kernprofessionals behoort, is onderwerp van discussie. Binnen de verpleegkundige zorg staat ondertussen de vernieuwde rol van de wijkverpleegkundige centraal. Wat gaat de wijkverpleegkundige precies doen en met welke regelruimte? Gevolg van deze beweging is dat beide werkvelden erg naar binnen gericht zijn. Tegelijkertijd zijn ze op zoek naar integratie.

Bij multiproblematiek samenwerking noodzakelijk

Vervolgens stelt Marjan aan de orde voor wie de integrale benadering eigenlijk nodig is. Ze laat een piramide zien die de vraag van de burger voorstelt. De meeste burgers redden zich prima zelfstandig. Een beperkt deel heeft te maken met lichte problematiek (ongeveer 15%) en een klein deel heeft multiproblematiek (ongeveer 5%). Voor 95% van de burgers volstaat dus een antwoord op eenvoudige en eenduidige hulp- en informatievragen. Met daarnaast de nodige inzet op het voorkomen van problemen en het vroegtijdig herkennen en oppakken van signalen die de gezondheid- en het welzijn bedreigen. Burgers met multiproblematiek daarentegen zijn gebaat bij samenwerking tussen verschillende professionals, die elkaar vinden en versterken. In de verkenning is dit dan ook een gedeeld standpunt: samenwerking tussen wijkverpleegkundige en sociaal wijkteam is noodzakelijke bij multiproblematiek.

Aanvullende expertise

Toch is de relatie wijkverpleegkundige en sociaal wijkteam daarmee onvoldoende ingevuld. Om de aanvullende expertise van de wijkverpleegkundige op gezondheids- en medisch vlak beschikbaar te hebben in het sociaal wijkteam en andersom, is enige mate van organisatie nodig. Immers, participatie van wijkverpleegkundigen in een sociaal wijkteam is ook bedoeld om integratie van kennis, consultatie en gebruikmaking van elkaars netwerken te bevorderen. Signalen van disfunctioneren van burgers op maatschappelijk of gezondheidsgebied worden dan bijvoorbeeld sneller herkend. Actualiteiten in de wijk en organisaties worden gedeeld. Voor deze aanvullende expertise is het handig een beperkt aantal wijkverpleegkundigen in de samenwerkingsrelatie te laten optreden. Zeker in stadswijken waar meerdere zorgaanbieders naast elkaar aan het werk zijn. Dit in tegenstelling tot samenwerking in de zorg aan cliënten. Daarvoor moet elke wijkverpleegkundige toegang hebben tot het sociaal wijkteam.

4 varianten

Marjan noemt in de verkenning 4 varianten van samenwerking tussen wijkverpleegkundige en sociaal wijkteam:

  • Wijkverpleegkundige staat op afstand
  • Wijkverpleegkundige doet mee
  • Wijkverpleegkundige is kernprofessional op aansturing gemeente
  • Wijkverpleegkundige is kernprofessional in vrije rol

Overal wordt gezocht naar een passende invulling van de relatie wijkverpleegkundige en sociaal wijkteam. Die recht doet aan wat cliënten en professionals nodig hebben, zonder in een vergadercircuit te verzanden. Er wordt geëxperimenteerd, maar doorontwikkelde voorbeelden zijn er nog nauwelijks.

7 gesprekspunten

Meer varianten dan de 4 bovenstaande zijn uiteraard mogelijk. Stadswijken en dorpen zien er nooit hetzelfde uit. Sociale wijkteams hebben verschillende opdrachten. Zorgaanbieders hebben verschillende visies op de rol van de wijkverpleegkundige. Zorgverzekeraars stellen verschillende criteria aan de ‘wijkgerichte zorg’ door wijkverpleegkundigen. Deze context opent in feite alle mogelijke invullingen van de relatie wijkverpleegkundige en sociaal wijkteam. Daarom heeft Marjan 7 gesprekspunten [link naar doc met de 7 gesprekspunten] opgesteld die kunnen helpen bij het maken van lokale afwegingen en beslissingen.

  1. Kenmerken van de wijk
  2. De opdracht van het sociaal wijkteam
  3. Mate van samenwerking
  4. Wijkverpleegkundigen die samenwerken met het sociaal wijkteam
  5. Randvoorwaarden voor praktische uitvoering
  6. Scholing
  7. Timing en organisatie die aansluit bij de lokale structuren.

Gesprekspunten 1 tot en met 4 richten zich vooral op het ‘wat’, de punten 5 tot en met 7 op het ‘hoe’. De deelnemers gaan in groepjes aan de slag met de gesprekspunten. Ze kiezen er een en bespreken deze met hun eigen lokale situatie in het achterhoofd. Nuttig? Zeker, daar is iedereen het over eens. Of zoals een van de deelnemers het verwoordt: ‘Het zijn interessante, goede punten. Ik neem ze mee.’

Meer weten

Dossier(s)

Tags

In voor zorg! is een programma van het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, en Vilans, Kenniscentrum voor langdurige zorg