invoorzorg.nl gebruikt cookies om het gebruik van de website te analyseren en het gebruiksgemak te verbeteren. Lees meer over cookies.

Ondersteuning bij veranderingen in de langdurige zorg.

Verslag: Symposium de wijkverpleegkundige en het sociale wijkteam

Gepubliceerd op: | Laatst gewijzigd op:

Het symposium stelde 2 thema’s centraal: de wijkverpleegkundige en het sociaal wijkteam. Door de 3 decentralisaties zijn beide thema’s erg actueel. Gemeenten, zorgorganisaties en verzekeraars maken al langere tijd plannen en structuren. Maar hoe gaat de dagelijkse praktijk eruitzien? Langdurige praktijkervaringen zijn er nog niet. Toch willen alle betrokkenen graag weten wat ze straks kunnen verwachten. Die werkelijkheid was het onderwerp van dit symposium.

Het symposium bestond uit een plenair deel en 3 workshops, waarvan elke deelnemer er 2 kon volgen. Mariska de Bont, beleidsadviseur bij Verpleegkundigen & Verzorgenden Nederland (V&VN), opende het plenaire deel met een presentatie over de visie van de beroepsgroep op de functie van wijkverpleegkundige. Vervolgens zorgde Frank van Steenbergen van onderzoeksinstituut Drift voor een kritisch intermezzo. Waarna Marco Florijn, oud-wethouder in Leeuwarden en Rotterdam en nu voorzitter van de programmaraad sociale wijkteams, vertelde over zijn ervaringen als bestuurder.

Mariska de Bont: de wijkverpleegkundige anno nu

De wereld verandert en de verpleegkundige verandert mee. Vanuit dat oogpunt heeft V&VN in het project V&V 2020 onlangs nieuwe beroepsprofielen voor verpleegkundigen en verzorgenden gedefinieerd. Het profiel van een verpleegkundige ziet eruit als een bloem: in het hart staat zorgverlener, de bladen eromheen staan voor ondersteunende rollen als samenwerkingspartner, gezondheidsbevorderaar en organisator. Mariska legt uit dat ook de veranderde visie op gezondheid meespeelt. Van ‘gezondheid is de afwezigheid van ziekte’ is deze visie geëvolueerd naar ‘gezondheid is het vermogen tot aanpassing en zelfmanagement in relatie tot sociale, fysieke en emotionele uitdagingen’. Het nieuwe beroepsprofiel vormde de basis voor het expertisegebied wijkverpleegkundige [link], waaraan 120 wijkverpleegkundigen meewerkten.

Wat maakt een verpleegkundige tot wijkverpleegkundige?

2 unieke posities kenmerken de wijkverpleegkundige. Als eerste de enorm diverse doelgroep. De wijkverpleegkundige werkt met mensen met maatschappelijke en gezondheidsproblemen, mensen met meerdere chronische ziekten en mantelzorgers die familie of partner van de zorgvrager zijn. Ook uniek is de omgeving waarin de wijkverpleegkundige opereert: achter de voordeur en in de wijk.

Wijkverpleegkundigen leveren zorg op het grensvlak van zorg en welzijn. Preventie en zelfmanagement zijn belangrijke aandachtspunten, net als de sociale context waarin mensen zich bevinden. Achter de voordeur bepaalt de wijkverpleegkundigen samen met de cliënt de zorgvraag, wat de cliënt zelf kan doen en wat een professional moet overnemen. Mariska: ‘Dat is voor elke cliënt anders, maatwerk dus.’

Indiceren

Vanaf 2015 pakken wijkverpleegkundigen ook het indiceren weer nadrukkelijk op. ‘Klinisch redeneren is de kern van verpleegkunde’, zegt Mariska. ‘Wijkverpleegkundigen hebben geleerd methodisch en cyclisch te kijken naar de zorgvraag van de cliënt. Met gebruik van al hun zintuigen: zien, horen, voelen en ruiken. Ze houden rekening met de verwevenheid van lichamelijke, psychische en sociale factoren bij gezondheidsproblemen.’

5 kenmerken wijkverpleegkundige

Hieruit volgen 5 kenmerken van een wijkverpleegkundige:

  • Een generalist (hbo)
  • Een wijkprofessional
  • Een spin in het web
  • Heeft vrije regelruimte nodig
  • Is goedkoper en beter

Het laatste kenmerk licht Mariska toe met een voorbeeld: ‘Wijkverpleegkundigen die werkten als zichtbare schakel leverden in eerste instantie meer zorg. Maar op de langere termijn was veel minder nodig, omdat de zorg zo goed geregeld was.’

Vragen aan Mariska de Bont

Maar wat is een generalist? ‘Een generalist is iemand die van alle markten thuis is, maar met zorg verlenen als basis. Terwijl een specialist specifieke kennis heeft van één expertisegebied. De zorg verbinden aan het maatschappelijke domein is de kracht van de wijkverpleegkundige.

’ Hoeveel mensen kan een wijkverpleegkundige bedienen? ‘Dat is afhankelijk van de wijk waarin de wijkverpleegkundige werkt. In een achterstandsomgeving ervaren mensen eerder gezondheidsproblemen.’

Gaat de zorgverzekeraar dit allemaal financieren? ‘Ik verwacht dat verzekeraars gaan financieren op resultaat. En dat is heel anders dan nu. AWBZ-indicaties werden vaak afgegeven tot in het oneindige, bijvoorbeeld om steunkousen aan te trekken. Waar we naar toe moeten is een zelfredzame cliënt die zo lang als maar enigszins mogelijk is zelf zijn kousen kan aantrekken.’

Ruimte

Mariska benadrukt nogmaals hoe belangrijk het is dat wijkverpleegkundigen ook achter de voordeur komen en direct contact met de zorgvrager hebben. ‘Als je een patiënt onder de douche zet, merk je dingen op die je niet ziet als je een keukentafelgesprek houdt.’ Juist de combinatie van lijfgebonden zorg met rollen als schakel en organisator maakt volgens haar de positie van een wijkverpleegkundige zo sterk. Maar dat kan alleen als wijkverpleegkundigen voldoende ruimte van hun organisatie krijgen om hun vak uit te oefenen. Ze raadt wijkverpleegkundigen aan het vooral zelf aan te kaarten als ze te weinig ruimte ervaren.

Frank van Steenbergen: wijkteam als experimenteerruimte

Frank van Steenbergen kijkt met verbazing toe hoe bijna elke gemeente sociale wijkteams installeert. ‘One size fits all! Maar is dat ook zo? Wijkgericht werken is toch vooral contextspecifiek? Nu lijkt het op het ouderwets uitrollen van beleid.’ Zijn gesproken column gaat over het welhaast blinde geloof in de wijkteams: de generalisten gaan alles oplossen! ‘Ondanks mijn verbazing zie ik wel perspectief. De 3 decentralisaties geven ruimte om fundamenteler te reflecteren op wat we doen. Voor mij is de centrale vraag: hoe houden we dit in beweging? Hoe voorkomen we dat we dingen weer gaan dichttimmeren?’ Frank pleit voor het wijkteam als experimenteerruimte, als opmaat, en dus niet als heilige graal.

Marco Florijn: blauwdrukorganisaties en protocollen

Het betoog van oud-wethouder Marco Florijn sluit aan bij dat van Frank van Steenbergen. Met dit verschil dat Frank de kritische buitenstaander is en Marco de kant van de bestuurder belicht. Hij waarschuwt voor de typische blauwdrukorganisatie die een gemeente is. De realiteit in de meeste gemeenten is als volgt: ‘Er wordt ruimte in de begroting gezocht, de begroting wordt vastgesteld, er worden werkafspraken gemaakt en de teams worden uitgerold. In de hectiek van het wethouderschap vergeten ze nog wel eens dat er misschien niet overal wijkteams nodig zijn. Of dat er al een goede vorm van samenwerking bestaat, bijvoorbeeld rondom een huisarts. Wat voegt een sociaal wijkteam van de gemeente dan toe?’

Een ander gevaar dat Marco signaleert is ‘doorprotocollering’. Hij illustreert dit met het voorbeeld van het Maasmeisje. ‘Dit meisje werd zo geschud door haar ouders dat ze overleed. Ze huilde veel omdat ze luieruitslag had. Luieruitslag is nu een risico in jeugddossiers.’ Protocollen beknotten de vrije ruimte van de professional.

Tips

Marco geeft de wijkverpleegkundigen verschillende tips:

  • Houd de vinger aan de pols bij de bestuurder. Heb je het gevoel dat een gemeente te veel doorschiet? Nodig de wethouder dan uit voor een gesprek of een dagje meelopen in de praktijk. Tussen de wethouder en de praktijk zitten soms wel zeven managementlagen. Jij moet hem dus helpen begrijpen wat je doet. Maak je uitnodiging zo informeel mogelijk. Bijna elke bestuurder leest zijn eigen mail!
  • Bescherm de dingen die goed gaan. In veel dorpen en wijken bestaan al sterke netwerken, daar hoeft een gemeente niet per se een wijkteam te maken. Het wijkteam is een middel, geen doel.
  • De wijkverpleegkundige wordt nu wel gezien als het ‘duizenddingendoekje’. Mijn advies is: bewaak je kern. Het politieke spel is nog niet uitgespeeld en kan nog verschillende kanten opgaan. Als je je kern verliest, word je een bezuinigingsoptie. Zorg verlenen daarentegen blijft altijd nodig.
  • Als generalist in een generalistisch team heb je ook een specialisme. Houd je eigen professionaliteit goed bij. En onderhoud ook de relatie met je moederorganisatie. Zeker als je in een succesvol wijkteam zit, zal je een beetje ‘vervreemden’. Zorg daarom dat de intervisie goed geborgd is.

Workshops

Na het plenaire deel werden 3 workshops gegeven.

Meer weten

Tags

In voor zorg! is een programma van het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, en Vilans, Kenniscentrum voor langdurige zorg